Rob van der Dussen
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

God

30 juni 2021 door Rob van der Dussen

Het boek van prof. dr. Huijgen over Maria: een steen in de vijver

Maria is niet los verkrijgbaar. Ze hoort er helemaal bij. Enerzijds in de kerk, anderzijds bij Israël. Zij laat bij uitstek zien wat de kerk is. Dat is wat prof. dr. Huijgen in acht diverse hoofdstukken uiteenzet in zijn nieuwste publicatie Maria, icoon van genade.

Wie over Maria schrijft, komt onvermijdelijk in aanraking met de rooms-katholieke theologie. Huijgen benut deze kans dan ook goed om niet alleen kerkvaders maar ook hedendaagse pausen aan het woord te laten. Huijgen is positief-kritisch ten opzichte van de oecumenische beweging, die een toenadering tussen de kerk van Rome en de Reformatie op het oog heeft. In zijn overtuiging is de gedeelde geloofsbelijdenis van Nicea een basis voor de oecumenische dialoog. De vraag is echter of verondersteld kan worden dat een rooms katholiek hetzelfde zegt wanneer het gaat over ‘de maagd Maria’, ‘de vergeving van zonden’ of ‘de kerk’? Mark Noll beweert in Is the Reformation over? dat de Rooms-Katholieke Kerk een geheel eigen taalveld bezit. Alhoewel dezelfde woorden worden gebruikt, hebben zij toch een andere betekenis. ‘De kerk’ ziet een rooms katholiek als een hiërarchische structuur, met de paus als de plaatsvervanger van Christus aan het hoofd. Daarentegen ziet een protestant over het algemeen de kerk als de gemeenschap van de heiligen en niet als ‘tweede Christus’ om bemiddelend tussen God en de gevallen wereld in te staan. Samengevat kunnen de woorden die gebruikt worden hetzelfde klinken, maar hebben zij vaak een andere betekenis.

CIP+ logo

Wil je verder lezen?

Krijg onbeperkt toegang tot CIP.nl

Start je gratis maand Inloggen

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen

Reacties

In een RK-viering werd ‘God groet u, zuiv’re bloeme’ gezongen. Daarin werd Maria aanbeden als toeverlaat, als klare fontein van genade. Ik kon dit niet meezingen. (Dat zal dr. Huijgen ook niet kunnen). De moeder van de Heer is voor mij zeker een voorbeeld van overgave, maar zij is niet mijn toeverlaat (dat was zij al niet voor de apostelen, de schrijvers van het NT); dat is Christus alleen. Niet de voorbede van Maria in het uur van mijn dood, maar Zijn verzoenend sterven blijft het rustpunt van mijn hart.
C
Even strikt: Dus voorbede (vragen) "mag" in het algemeen niet? dat is wat ik hier uit moet concluderen? Of toch wel van bijv. broeder Zijlstra, of een andere christen? Is evangelisch-protestant Nederland iets te zeker van zichzelf over dit en andere punten? Is dit voorbede voorbeeld wel een goed doordacht bijbels standpunt? Contact met de doden is niet toegestaan, klopt, maar als de Heer God is van Abraham, Isaak en Jacob, is hij toch ook geen God van doden. Zo ook Maria. Laten we elkaar niet de maat nemen over niet 100% duidelijke zaken.
Als er aangeklopt wordt en iemand zegt: Jezus, Uw moeder en Uw broers staan voor de deur, dan zegt Hij: Wie zijn mijn moeder en mijn broers? (Oftewel hoe belangrijk zijn deze mensen voor mij?) En dan zegt Hij: ...dat zijn degenen die Mijn wil doen. Wie Zijn wil doet, is Zijn familie. Zo lees ik het, daarom begrijp ik de verering van Maria niet. Zou het niet een listige truc van de vijand kunnen zijn om een troon voor de koningin van de hemel te bouwen onder ons?
Toon meer antwoorden (2)
Toon meer reacties (1)