Willem Ouweneel

God

16 augustus 2019 door Willem J. Ouweneel

De zeven dingen die al vaststonden voordat de wereld werd geschapen

Gisteren was het 15 augustus; dat is de dag van Maria-Tenhemelopneming. In Frankrijk is dat een nationale vrije dag, en dus een mooie gelegenheid voor evangelische christenen om bij elkaar te komen. Bij voorkeur in de openlucht, net zoals de hugenoten dat deden in de zeventiende en achttiende eeuw; toen in het geheim, nu in het openbaar.

CIP+ logo

Dit artikel is je cadeau gedaan door CIP+ lid Willem J. Ouweneel.

Word ook lid

Het is misschien wel dertig jaar geleden dat ikzelf een ‘hagepreek’ hield tijdens zo’n bijeenkomst, en wel in het dorpje Roumezoux, in de Franse Cevennen, een middelgebergte in Zuidoost-Frankrijk, voor een paar honderd van zulke christenen. Ik weet nog waar ik het over had: over het nieuwe verbond, volgens 2 Korinthe 3 bestaande uit twee delen: de bediening van de gerechtigheid en de bediening van de Geest. Een verbond gesloten in de tijd, maar dingen behelzend die van eeuwigheid zijn, en daarom een eeuwig verbond (Hebr. 13:20).

De Talmoed zegt dat er zeven dingen al geschapen waren voordat de wereld geschapen werd.

Ik heb me altijd graag beziggehouden met die tijdelijke en die eeuwige dingen. In veel latere tijd stuitte ik daarbij op een merkwaardige joodse traditie. De Talmoed zegt dat er zeven dingen al geschapen waren voordat de wereld geschapen werd. Dat zijn de Torah (de Wet van Mozes), het berouw, de hof van Eden, de hel, de troon der heerlijkheid, de tempel en de naam van de Messias. Dat rijtje doet jou vast de wenkbrauwen fronsen. Maar denk er eens even over door, dan is het zo gek nog niet. De achterliggende gedachte dat God wel een wereld kan scheppen, maar dat er dan toch wel bij voorbeeld voor zeven dingen gezorgd moet zijn. Ik som ze hier op in vier groepen en geef je meteen het bijbels ‘bewijs’ dat de rabbi’s aanvoerden:

(1) en (2) De Torah (‘het begin van zijn weg,’ Spr. 8:22; N.B. Torah = Wijsheid) is Gods hoogste gids voor de mensheid, en het berouw (‘Eer U de wereld had voortgebracht, zegt U: “Keer terug, mensenkinderen!”’, Ps. 90:2v.) is nodig voor al de keren dat Gods geboden overtreden worden.
(3) en (4) De hof van Eden (‘geplant van oudsher’, kun je vertalen in Gen. 2:8) en de hel (de vuurplaats, “van oudsher bereid’, Jes. 30:33) noemen we hier samen omdat zij de twee keuzemogelijkheden voor de eeuwige bestemming van de mens inhouden: eeuwige gelukzaligheid (het paradijs) of eeuwig verderf (de hel).
(5) en (6) De troon der heerlijkheid (‘van oudsher is uw troon bevestigd’, Ps. 93:2) en de tempel (‘een troon der heerlijkheid in de hoge is van oudsher de plaats van ons heiligdom’, Jer. 17:12) geven aan dat het uiteindelijke doel van de schepping het koninkrijk Gods is: zowel een plaats van regering als een plaats van heilige eredienst.
(7) De Messias (‘wiens uitgangen zijn van oudsher’, Micha 5:2) zal de Regeerder in dat toekomstige koninkrijk van God zijn, dat daarom ook het Messiaanse rijk genoemd wordt. (Let wel, Joden zeggen niet dat de Messias van eeuwigheid bestaan heeft – zoals christenen wel geloven – maar alleen dat zijn náám van eeuwigheid geweest is.)

De gedachte dat bepaalde zaken, afgezien van God zelf, al bestonden van vóór de grondlegging van de wereld, is ook christenen natuurlijk heel vertrouwd.

Laat me deze dingen nog eens in het kort samenvatten. God gaf de mensheid zijn geboden, tot welzijn van de mens en tot ordening van de menselijke samenleving. Wie door Gods genade naar die geboden leeft, komt uiteindelijk in het paradijs. Wie Gods geboden overtreedt, heeft twee mogelijkheden: óf je hebt er oprecht berouw over, en dan mag je weer in het oude spoort verdergaan; óf je hebt geen berouw, dan beland je uiteindelijk in de poel van vuur. De hof van Eden is een tuin, de poel is een meer; uiteindelijk komt elk mens in een eeuwige tuin of in een eeuwig meer van vuur terecht. Voor de eerste groep is er op deze aarde uiteindelijk het koninkrijk Gods, waarin de troon van Gods heerlijkheid en zijn tempel (de plaats van eredienst) centraal zullen staan, en waarin de Messias zal regeren.

Wie de genoemde bijbelplaatsen nader bekijkt, ziet dat daarin vaak de uitdrukking ‘van oudsher’ voorkomt, in het Hebreeuws miqqèdem. Deze term kan betrekking hebben op het grijze verlezen (Ps. 74:12; 77:6,12; 143:5; Jes. 45:21; 46:10; Habakuk 1:12). Maar qèdem kan ook zeker ‘eeuwigheid’ betekenen, zoals in de uitdrukking ‘de eeuwige God’ (Deut. 33:27). Zeker in Spreuken 8:23 heeft de term betrekking op de eeuwigheid die aan de schepping voorafging. ‘Vanouds’ kan betekenen: ‘in het grijze verleden van de mensheid’, maar ook: ‘lang voordat de schepping bestond’. Hoe dan ook, de rabbi’s hebben hiermee diepe dingen uitgesproken: in het grijze verleden, voordat de mensheid haar geschiedenis begon, had God al voorzieningen getroffen opdat het uiteindelijk met die mensheid goed zou komen.

Toen de slang ‘beet’ in de hof van Eden, had de ‘bezwering’ al van eeuwigheid af plaatsgevonden in de Gods raadsbesluit.

De gedachte dat bepaalde zaken, afgezien van God zelf, al bestonden van vóór de grondlegging van de wereld, is ook christenen natuurlijk heel vertrouwd. Denk alleen al aan de uitverkiezing (bijv. Ef. 1:3–5) oftewel de voorbestemming (bijv. Rom. 8:29) van Gods kinderen. Je zou in Openbaring 13:8 zelfs kunnen vertalen: ‘Het Lam dat geslacht is van de grondlegging der wereld af’ (vgl. de Statenvertaling). In Gods raadsbesluit was de verzoening al van alle eeuwigheid af een feit. In de ‘rol des boeks’ is al over Christus geschreven (Ps. 40:8; Hebr. 10:7). Juist in zijn hoedanigheid van Lam was Christus ‘voorgekend vóór de grondlegging van de wereld’ (1 Petr. 1:19v.).

De Prediker zegt: ‘Als de slang gebeten heeft voordat de bezwering heeft plaatsgevonden, dan heeft het werk van de slangenbezweerder geen nut meer’ (Pred. 10:11). Toen de slang ‘beet’ in de hof van Eden, had de ‘bezwering’ al van eeuwigheid af plaatsgevonden in de Gods raadsbesluit, en dus was die ‘bezwering’ voor Hem even reëel als wat er uiteindelijk gebeurde in het jaar 30 van onze jaartelling. Het verbond dat God met zijn volk sloot in de tijd, vindt zijn wortels in dingen die van alle eeuwigheid in Gods hart waren. Dat zei ik dertig jaar geleden al op een Franse berg…

CIP+ logo

Christenen die meer diepgang willen kiezen voor CIP+

Je las net een gratis CIP+ artikel. Meld je aan en start je gratis maand.

Start je gratis maand

Reacties

W
Hoe wil je christen zijn als je de niets weet van de joden
REAGEER
D
Ik dacht dat dit een christelijke website was, niet een joodse.
REAGEER
M
met begrippen als 'evenwicht' bv. Ik besef ook dat ik dit als mens niet kan weten. Toch vraag ik me af: kan na het einde der tijden de hel en al het kwaad dat erin is niet volledig worden weggevaagd in de zin van dat het totaal zou ophouden te bestaan?
REAGEER
Toon meer reacties (1)

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher Spotify
Jeffrey vond Ds. De Heer een ketter