Willem Ouweneel

Levensverhaal

07 juni 2019 door Willem J. Ouweneel

Een baby en een invasie: Willem Ouweneel over zijn 75ste verjaardag

Afgelopen zondag mocht ik mijn 75ste verjaardag beleven. Driekwart eeuw! De oplettende lezers realiseren zich dus onmiddellijk dat ik precies vier dagen vóór D-day ben geboren. Die dag is dus ook 75 jaar geleden; dat is gisteren op waardige wijze gevierd.

Als kind hoorde ik voortdurend over die oorlog en over wat de oorlog voor onze familie betekend had. Ik realiseerde me dat de Duitse bezetting intussen voorbij was en vroeg daarom eens aan mijn vader of dat nu betekende dat wij eigenlijk de oorlog gewonnen hadden. Toen legde mijn vader mij – ik was misschien vijf – voor het eerst uit dat het wat ingewikkelder in elkaar zat: de Duitsers hadden ons land bezet, en de Canadezen en de Britten hadden ons land bevrijd. De winnaars waren dus de volken die Duitsland op de knieën hadden gedwongen.

CIP+ logo

Dit artikel is je cadeau gedaan door CIP+ lid Willem J. Ouweneel.

Word ook lid

De Provinciale Noordhollandsche Courant van 9 juni 1944 staat vol met nieuws over de grote invasie in Normandië (6 juni), met koppen als ‘Pantserstrijd ten Zuiden van Bayeux’ en ‘Geheele Duitsche kustverdediging in staat van alarm’ – maar ook een mededeling van het SS-Ersatzkommando: ‘Iedere gezonde Nederlander kan zich aanmelden, teneinde gekeurd te worden voor de Waffen-SS...’ Op de binnenpagina staat onder Burgerlijke Stand Zaandam vermeld onder Geboren: ‘Willem J., z. v. E. Ouweneel en H. G. Versteeg.’ Even daaronder staat het bevel: ‘Deze week verduisteren van 22 uur tot 5.30 uur.’

Zo ben ik dus ruim elf maanden na mijn ouders’ huwelijk geboren, op een bovenwoning aan de Prins Hendrikkade in Zaandam. Werd ik geboren vlak vóór D-day, mijn eerste bezoek aan Arnhem (bij mijn moeders ouders) vond plaats vlak vóór de vreselijke Slag om Arnhem op 17 september en de dagen erna. De trotse gezinsfoto met mij als baby werd precies op die dag gemaakt. Wat een geluk dat mijn ouders en ik op tijd uit Arnhem weg waren! Tijdens die dagen moesten mijn Arnhemse grootouders hals over kop op de vlucht slaan; ‘evacuatie’ heette dat. Ze vonden onderdak bij lieve Vergaderingsmensen in de Achterhoek.

Mijn eerste winter als boreling was de beruchte hongerwinter.

Mijn eerste winter als boreling was de beruchte hongerwinter. Het ging aan mijn zuigelingengelukzaligheid voorbij hoe bij ‘ons’ in het westen van het land de bomen in die winter werden omgekapt om aan brandhout te komen, hoe de stroom uitviel en de mensen in arren moede maar vroeg naar bed gingen en hoe duizenden de hongerdood stierven.

Die tweede juni, mijn geboortedag, was ook de derde zittingsdag van de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland, die – in oorlogstijd! – bijeen was in de Oosterkerk te Utrecht. In het omvangrijke boek Op de grens van kerk en secte van de toenmalige 28-jarige theologisch kandidaat H. J. Schilder vond ik het volgende: ‘… het is de 2e Juni 1944 geweest, waarop met huiveringwekkende lichtvaardigheid en slordigheid tegelijk, de una sancta [= de ene heilige Kerk] aan de particuliere groepsmachten werd overgeleverd (...) de 2e Juni 1944 was de datum van (éénzijdige) ‘line-crossing’ naar het sectarisme. Ditmaal niet van de bezetting naar de vrijheid – gelijk de jongens die het bevrijde ‘Brabant’ wisten te bereiken – maar van de [gereformeerd-]katholieke vrijheid naar de synodocratische benauwing (p. 16v.).’

Dat zijn zware woorden, die pasten bij de gereformeerde gemoedsbewegingen van die tijd. Het zijn ook nogal overdreven woorden: Schilder schreef alsof de Gereformeerde Kerken zo’n beetje het lichaam van Christus op aarde waren! Het idee van de ‘ware kerk’, dat de Vrijgemaakten zolang heeft aangekleefd, klonk hier al door. Toch heb ik er altijd wel iets profetisch in gevonden voor mijn eigen leven, maar dan omgekeerd: van de ‘benauwing’ van het sektarische leven naar de vrijheid van de una sancta – net als die jongens die op mijn geboortedag het bevrijde Brabant wisten te bereiken...

Mijn moeders eerste bevalling viel haar bepaald niet mee, en toen het eindelijk gelukt was, keek ze verbaasd naar de lange worstvormige baby die op haar buik werd gelegd.

Terug naar die tweede juni. Toen de weeën zich bij mijn moeder begonnen te openbaren, trok mijn vader in de nacht van donderdag op vrijdag door de lege straten van Zaandam naar de vroedvrouw. Op last van de Duitsers waren alle lantaarns gedoofd en alle ramen geblindeerd. In het pikdonker, en tegen het gebod in om thuis te blijven, spoorde mijn vader de vroedvrouw op en wist haar te bewegen met hem mee te gaan. Gelukkig, geen Duitser of NSB-politieagent tegengekomen. Thuis moest nog lang gewacht worden, tot de vroege uren van de vrijdagmorgen aan toe. Mijn moeders eerste bevalling viel haar bepaald niet mee, en toen het eindelijk gelukt was, keek ze verbaasd naar de lange worstvormige baby die op haar buik werd gelegd. ‘Die wordt net zo lang als zijn vader’, zei ze. Dat is niet uitgekomen: ik werd langer.

Tegen jeugdvriend Huig Bouter en zijn vrouw Nel, die op bezoek kwamen daar aan de Prins Hendrikkade en zich nieuwsgierig over de wieg bogen, maakte mijn vader de schertsende opmerking: ‘... En hij verstaat het standpunt van de Vergadering al zo goed!’ Hij kon niet vermoeden wat hij met die opmerking aanrichtte. Hij zou nog net de tijd moeten meemaken (in de jaren negentig) dat veel conservatieve Vergaderingsmensen tot de overtuiging kwamen dat ik er niets meer van begreep, terwijl andere Vergaderingsmensen zouden vinden dat ik het eindelijk begreep...

Wat dat betreft was het verschil tussen Vergaderingsmensen en Vrijgemaakten helemaal niet zo groot. Het is misschien wel 45 jaar geleden dat ik op een bijeenkomst in Amersfoort, waar ook de Vrijgemaakte prof. Jochem Douma aanwezig was, schertsend (en openlijk) tegen hem zei: ‘Als hier een brief aankwam gericht aan de gemeente Gods te Amersfoort, zouden u en ik de enigen zijn die zouden weten waar hij bezorgd moest worden!’ Hij lachte als een boer die kiespijn heeft. Het was natuurlijk ook wel een stoute opmerking van mij! Maar ja, ik was al net zo jong en onbezonnen als H. J. Schilder in 1944…

CIP+ logo

Christenen die meer diepgang willen kiezen voor CIP+

Je las net een gratis CIP+ artikel. Meld je aan en start je gratis maand.

Start je gratis maand

Reacties

Bedankt Willem voor al je theologische ontboezemingen, waardoor de koffer met geheimenissen weer een stukje verder werd geopend. Ik wens je oprecht, samen met je echtgenote, nog vele jaren van gezondheid toe. En uiteraard nog proficiat.



Ron Booij.

REAGEER
A
Ik wens u nog heel veel gezegende jaren toe, ik geniet van uw lezingen!
REAGEER

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals
Vakanties
Hier adverteren?

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher Spotify