Willem Ouweneel

Dagelijks leven

29 maart 2019 door Willem J. Ouweneel

Een gouden bruiloft: wie maakt dat nog mee!?

Vroeger haalden de meeste getrouwde mensen hun gouden bruiloft niet doordat minstens één lid van het bruidspaar vóór die tijd overleed. Tegenwoordig halen veel getrouwde mensen hun gouden bruiloft niet doordat zij vóór die tijd scheiden…

CIP+ logo

Dit artikel is je cadeau gedaan door CIP+ lid Willem J. Ouweneel.

Word ook lid

Mijn ouders én schoonouders hebben hun 50-jarig huwelijksjubileum gelukkig wel mogen halen. Maar ik moest ver in mijn voorgeslacht zoeken om nóg zo’n gelukkig (hoop ik) echtpaar te vinden. Het waren Peter Versteeg (1780-1861) en Hermijna van Beukeren (1777-1849), die in 1799 te Arnhem getrouwd waren. Hermijna overleed acht maanden na hun gouden bruiloft… Ik hoop dat zij met hun vijf zonen de bruiloft een beetje uitbundig gevierd hebben.

Peter wordt in 1813 (Régistre Civil – het was de Franse tijd!) vermeld als boutonnier (knopenmaker) in de Bakkerstraat, in 1814 als knopenmakersknecht in de Langstraat, en in 1824 als kleermaker in de Langstraat. Na het overlijden van zijn vrouw Hermijna is Peter zes weken later, op 25 januari 1850, opgenomen in het Protestantse Bestedelingenhuis, een bejaardentehuis voor protestanten, in de buurt van wat in Arnhem nu het Gele Rijdersplein heet. Een ‘bestedeling’ was iemand wiens kost en inwoning door de burgerlijke gemeente of door de kerk werd ‘uitbesteed’ aan een stichting. Peter was toen bijna 70 jaar oud. Blijkbaar kon hij niet meer goed voor zichzelf zorgen. Hij heeft er nog bijna twaalf jaar gewoond.

Het huwelijk is niet meer in de eerste plaats een voortplantingsinstituut (zoals het zeker tot de Reformatie nog wel degelijk was), maar een liefdesverbond tussen een man en een vrouw.

Nu ik het toch over dit echtpaar heb: ik ben altijd benieuwd geweest naar het geestelijk leven in dit gezin. Die nieuwsgierigheid is gewekt door een zeer merkwaardig feit, dat ik nog nooit ergens anders heb aangetroffen. En dat is dat op 3 april 1837 alle vijf zonen van Peter en Hermijna tegelijkertijd belijdenis deden in de Nederlands Hervormde Kerk, ondanks de behoorlijke verschillen in leeftijd. Het waren Johannes (geb. 1800), Hendrik (1801), Geurt (1805), Willem (1810) en Peter Versteeg (1813). (Willem is degene die mijn betovergrootvader zou worden.) Je kunt slechts vermoeden dat wellicht hun predikant daaraan debet is geweest.

Hoe dan ook, het hoge woord moet er maar uit: gisteren waren Gerdien en ik vijftig jaar getrouwd! We hebben dat gevierd met een grote receptie in de oudste herberg van Houten, en dit weekend zijn we met (schoon)kinderen, (schoon)kleinkinderen en achterkleinkinderen op een grote vakantieboerderij bij elkaar om het feest te vieren. We zijn uitgebroken in menigte, om het eens in Statenvertalingentaal te zeggen. Jakob trok alleen naar Egypte, en toen hij terugkwam, waren zij met z’n zeventigen – allen uit Jakobs ‘heup’ voortgekomen (Ex. 1:5). Elk echtpaar dat gezegend is met nageslacht, kent die verbazing: hebben wij dit allemaal teweeggebracht!? Er zijn nu zestien ‘biologische’ nakomelingen uit ons voortgesproten. Maar ach, zoveel is dat niet. Twee jaar geleden ontmoette ik in Canada een gereformeerde dominee die zonder blikken of blozen vertelde dat zojuist zijn vierentachtigste achterkleinkind was geboren (vandaag zijn het er al meer dan honderd, verneem ik). Ik flapte eruit dat hem dat dan wel veel tijd zou kosten om ze allemaal, stuk voor stuk, elke dag met name te gedenken voor de troon der genade. Hij lachte zo’n beetje als een boer die kiespijn heeft.

Tegenwoordig beschouwen wij een huwelijk dat kinderloos blijft, toch als een volwaardig huwelijk. Getrouwde mensen die geen kinderen hebben, worden er niet meer op aangekeken. Er zijn geen Rachels meer die tegen hun man zeggen: ‘Geef mij kinderen, of ik sterf’ (Gen. 30:1). Er zijn geen Peninna’s meer die de Hanna’s pesten omdat zij (de Peninna’s) wel en zij (de Hanna’s) geen kinderen hebben (1 Sam. 1:6). Er zijn geen Joachims meer die om hun kinderloosheid uit de tempel worden gegooid (vertelt het Proto-Evangelie van Jakobus; Joachim werd volgens de traditie alsnog de vader van Maria). En dat is een goede zaak. Gezinnen zonder kinderen zijn incompleet, maar huwelijken zonder kinderen zijn in zichzelf wel degelijk compleet. Het huwelijk is niet meer in de eerste plaats een voortplantingsinstituut (zoals het zeker tot de Reformatie nog wel degelijk was), maar een liefdesverbond tussen een man en een vrouw. Zowel Genesis 2 als het boek Hooglied spreken over deze genegenheid tussen een man en zijn vrouw zónder dat van kinderen sprake is. Dat is zeker heel opmerkelijk! In Genesis 1 gaat het om het (seksuele) verschil tussen man en vrouw, dat er moet zijn met het oog op de voortplanting. In Genesis 2 gaat het echter om man en vrouw als elkaars complement, zónder dat de voortplanting genoemd wordt.

Elk van de kinderen heeft de helft van mijn genen, elk kleinkind een kwart, elk achterkleinkind een achtste.

Iemand vertelde me ooit in ernst dat ongeveer tien procent van alle huwelijken kinderloos blijft, maar dat kinderloosheid onder zijn voorouders totaal niet voorkwam. Hij vroeg mij dit merkwaardige feit te verklaren. Het duurde twee seconden voordat ik de clou snapte… Hij had gelijk. Hij had ook kunnen betogen dat er onder zijn voorouders geen kindersterfte voorkwam. Dat wil zeggen: zij kregen helaas wel veel kinderen die jong stierven, maar zijzelf hadden allemaal de volwassenheid bereikt. Soms bleef er maar één kind in een gezin in leven – en dat werd dan je voorvader of -moeder.

Merkwaardig eigenlijk. We zijn het product van miljoenen toevalligheden. O nee, sorry, toeval bestaat niet. We zijn stuk voor stuk niet alleen bij God van eeuwigheid bekend, maar we zijn ook stuk voor stuk gepland. In zijn wonderbaarlijke boek De ontdekking van de hemel haalt Harry Mulisch weliswaar niet God erbij, maar hij benadrukt wel hoe een bijzonder mens – en elk mens is bijzonder – vele generaties van voorouders vereist om exact die samenstelling van genen te produceren die van jou de unieke mens maakt die je bent. En die geef je dan weer door: elk van de kinderen heeft de helft van mijn genen, elk kleinkind een kwart, elk achterkleinkind een achtste.

Zo, en dan nú het feestweekend!!

CIP+ logo

Christenen die meer diepgang willen kiezen voor CIP+

Je las net een gratis CIP+ artikel. Meld je aan en start je gratis maand.

Start je gratis maand

Reacties

a
Beste Willem en Gerdien, van harte gefeliciteerd en Vader geve jullie nog prachtige jaren erbij.
REAGEER
T
Allereerst van harte gefeliciteerd met Uw gouden huwelijk! Deze felicitatie geldt uiteraard ook Uw echtgenote. Verder zijn alle mensen schepselen van de Heer Jezus (Col.1:15-17).
REAGEER
K
Geachte heer Ouweneel. Proficiat met uw gouden huwelijk.
REAGEER
Toon meer reacties (2)

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals