Diederik van Dijk
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

God

29 augustus 2018 door Jeffrey Schipper

SGP-senator over refozuil: "Onze kathedraal kraakt en verkruimelt"

“Als reformatorische gezindte hebben we de laatste decennia een kathedraal gebouwd met onze eigen reformatorische scholen, modezaken en vakantieparken. Misschien kraakt onze kathedraal om God opnieuw te vinden.” SGP-senator Diederik van Dijk sprak dinsdagmiddag op de Haamstedeconferentie tegenover tientallen mannenbroeders uit de reformatorische gezindte. Van Dijk legde de vinger op een zere plek: maakbaarheid, zowel in seculiere als christelijke kringen.

CIP+ logo

Dit artikel is je cadeau gedaan door CIP+ lid .

Word ook lid

Van Dijk maakt duidelijk dat de meeste Nederlanders opgroeien met een gesloten wereldbeeld. “Het geloof in een Opperwezen is niet aanwezig. Een andere werkelijkheid dan alleen de zintuiglijke waarneming lijkt niet mogelijk. Bij deze overtuiging zweren de seculieren. Het altaar is ingeruild voor de spiegel. Het geloof dat zin en uitzicht gaf is vervangen door de overtuiging om alles uit het leven te halen dat erin zit.” De SGP-senator merkt op dat inmiddels alle taboes zijn geslecht, op eentje na: het taboe op geloven.

"Een refo uit Elspeet die nog nooit een stap buiten de reformatorische gezindte heeft gezet, heeft een ruimere blik dan de gemiddelde seculiere kosmopoliet."

Uit de kast komen
“Het komt wel eens voor dat een Bekende Nederlander zich aangetrokken voelt tot het geloof. Als iemand dat doet, is er sprake van een uit de kast komen. Dat staat de ‘grachtengordel’ op haar achterste benen. ‘Hoe kun je zo'n overgang maken?’ Wat een verstikkend wereldbeeld. Alsof gelovigen ronddolen in een wereld zonder uitgang. Aangrijpend en armetierig. Een refo uit Elspeet die nog nooit een stap buiten de reformatorische gezindte heeft gezet, heeft een ruimere blik dan de gemiddelde seculiere kosmopoliet. Verlost worden uit deze seculiere grot is niet meer dan een wonder.”

Eén van die elitaire seculieren die dat wonder meemaakte is Stephan Sanders. In 2016 besloot hij een jaartje op proef naar de kerk te gaan. Nu wil hij niet meer zonder. Hierover vertelde hij eerder: "Je geloof verantwoorden dat kan eigenlijk niet in woorden. Het mysterie zelf is al heel lastig in woorden te vangen. En om dat mysterie te laten erkennen is helemaal niet te doen." Zijn verhaal doet Van Dijk denken aan een preek van een hersteld hervormde kandidaat die bekering vergeleek met het opengooien van gordijnen na een lange, donkere nacht. “Ineens wordt alles helder. Een echte wereld opent zich. Gelukkig is de wereld niet aan zichzelf overgeleverd.”

Van Dijk merkt op dat “zoetige evangelisatiemethoden” geen uitkomst bieden. Wie wijst op een lieve God die van mensen houdt zal al snel te horen krijgen: 'Ik ben uiterst tevreden over mijn leven en ben erg blij dat ik zelf over mijn leven ga.' “Mensen zitten niet te wachten op het Evangelie. Ook op een Emmaüs-achtige manier oplopen met iemand kan getuigen van te veel optimisme. Er is sprake van een gapende kloof tussen gelovigen en ongelovigen. Misschien moeten we op een hele andere manier proberen om dichter bij die ander te komen."

"Geloven als challenge: het is erop of eronder. God neemt je hele levenshuis of Hij vertrekt."

Geloven als een challenge
"Tegenwoordig laten mensen zich triggeren door challenging: het aangaan van een extreme uitdaging. Denk aan een kwart jaar leven zonder mobieltje, een half jaar rondkomen van een minimum inkomen of veertig dagen geen seks. Geloven heeft niets te maken met comfort of een spiritueel plusje. Geloven heeft niets met een leunstoel te maken. God is geen lievige God. Uiteindelijk zal Hij al het kwaad opruimen. Dat is zeer bevrijdend en voor niemand vrijblijvend. Geloven als challenge: het is erop of eronder. God neemt je hele levenshuis of Hij vertrekt.

In een bepaalde manier is er veel aandacht voor de toekomst in onze kringen. Een woord komt veel terug: hoop. Hoop voor de christelijke politiek, kerk of christelijk onderwijs.” Ter illustratie wijst Van Dijk op de titel van een congresspeech van ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers: ‘Politiek van hoop’. En op de titel van een recent boek van SGP-voorman Kees van der Staaij: ‘Goede gesprekken - Over geloof, hoop en liefde.’ Christenen weten dat ze een minderheid zijn en willen fier zijn op hun boodschap. En het is ook goed om tegenover alle doemverhalen enig tegenwicht te bieden. Maar christelijke hoop heeft niets te maken met optimisme. Het gaat mis als we het verbinden met een reformatorische VOC-mentaliteit.

Onlangs was ik getuige van een felle uitslaande brand. Wat een vernietigend geweld! Aan de brandende loods was niets meer te doen. 'We laten het vuur uitrazen,' zei de brandweer. Dan is de brand het snelst voorbij. Een groot en strak gebouw ging ten onder. Ook God laat ook het kwaad in deze wereld uitrazen. Op een bepaalde manier getuigt het van oppervlakkigheid als we stellen dat er op déze wereld nog zoveel moois en goeds te vinden is. Een christen heeft alleen hoop op God. God is als het ware onze hoogste Brandweercommandant die het vuur laat uitrazen. Dit gaat in tegen de maakbaarheidsgedachte van deze tijd. God gaat Zijn soevereine gang. Antichristelijke machten worden door Hem tot een aanfluiting gemaakt.”

Overgave
Van Dijk maakt duidelijk dat geloven als challenge onvoorwaardelijke overgave betekent. “Stephan Sanders beschreef zijn overgang naar het geloof in Trouw. Deze zin is het hart van zijn geloofsweg: 'Ik zocht niet, maar werd gevonden. Dat is de meest eenvoudige manier om de hele procedure te beschrijven.' Overgave is misschien wel het moeilijkste element van het geloof. De controle loslaten. Een gelovige heeft geen appartement, geen thuis. In plaats daarvan leidt hij of zij een onzeker en zwervend bestaan. Hiermee raken we aan de cultuurtrek dat het leven maakbaar zou zijn. We aanvaarden geen pijn en risico's meer.”

"God is als het ware onze hoogste Brandweercommandant die het vuur laat uitrazen."

De SGP-senator noemt de nieuwe wet over actieve donorregistratie. “Iedereen is donor tenzij je bezwaar maakt. De overheid bepaalt wat er na je dood met je lichaam gebeurt. De overheid mag over lijken gaan.” Volgens de spreker hebben seculieren en christenen één ding gemeen: we willen dat God Zich houdt aan onze systemen en gedachten. “Het Beloofde land (Kanaän, red.) klinkt aantrekkelijker, maar daar zijn we afhankelijk van God. In ‘Egypte’ hebben mensen meer zelfcontrole. Zo maakte men bij de Nijl gebruik van irrigatiesystemen. In ‘Kanaän’ hebben we niets in eigen hand. Als ik heel eerlijk ben, ligt ‘Egypte’ mij meer dan ‘Kanaän’.”

Maakbaarheid in de refowereld
Het gevaar van de maakbaarheidsgedachte ziet Van Dijk ook terug binnen zijn eigen reformatorische zuil. “Komt de wens tot maakbaarheid ook tot uiting in de prediking?,” vraagt hij retorisch. “Als iedere zondag de bekering tot in detail wordt uitgetekend waarbij het er niet toe doet welk Bijbelgedeelte aan de orde is, is het Woord aan het woord of onze gedachten over hoe God kan werken. Alsof toe-eigening van het heil altijd moet plaatsvinden. Sommigen menen dat het geloof een zware en verborgen zaak is en moeilijk te verkrijgen. Is dat zo?” Van Dijk citeert Wilhelmus à Brakel: ‘Niemand moet bekommerd zijn over de wijze van bekering.’

"Soms snak ik naar een preek zonder toepassing en bevinding. Gewoon een heldere exegese van een Bijbelgedeelte. Als de Geest het Woord neemt, sneuvelen onze schema's. En dan niet van die leegheid een heel verhaal willen maken. Dat noem ik het reformatorische drama. Niets worden voor God, is echt niets. Wij maken van dat niets zo vaak een heel iets. Laten we heel oprecht niets zijn. Een zondaar is nooit geschikt voor God, maar Christus is wel geschikt voor iedere zondaar. De Geest begint altijd bij wat God heeft gedaan in Christus, dat wordt toegepast naar de mens. Dat is eng, want het gevolg is dat wij God niet meer onder controle hebben.”

"Als reformatorische gezindte hebben we de laatste decennia een kathedraal gebouwd. Met onze eigen reformatorische scholen, modezaken en vakantieparken."

Van Dijk onderstreept dat hij veel bewondering heeft voor de hardwerkende refopredikanten. Maar hij stelt tegelijkertijd een schaduwzijde aan de kaak. “Hebben we ons te eenzijdig gericht op de woorden alleen? Hebben we alle rituelen uit de Rooms-Katholieke Kerk niet te rigoureus opgeruimd? De katholieken knielen tenminste nog. Er is een bepaalde maakbaarheid onze prediking binnengekomen. Op een reformatorische school openen we de dag met de Dordtse Leerregels (een gereformeerd belijdenisgeschrift, red.) om vervolgens de rest van de schooldag als remonstranten aan het werk te gaan. Onze jongeren vormen en kneden we om er zo deugdzaam mogelijke mensen van te maken. Dat noemen we vervolgens gewetensvorming. Waarom kunnen we wel de handen ineenslaan als het gaat om duurzaamheid en klimaat maar niet over de geestelijke vorming van onze kinderen? We vliegen elkaar in de haren als het aankomt op deelwaarheden over het verbond.”

De directeur van NPV Zorg vergelijkt de reformatorische gezindte met een kathedraal. “Als reformatorischen hebben we de laatste decennia een kathedraal gebouwd. We hebben een villa in elkaar gezet met onze eigen scholen, modezaken, vakantieparken en eigen politieke spreekbuis. En dat alles ingebed in een fijn systeem waarin je als eenvoudig jurist verdwaald. En dat verdeeld over 66 kerkelijke denominaties. We zijn omringd door de muren van Jericho. We weten dat het kraakt. Dat komt niet zozeer door aanvallen van buitenaf, maar door slijtage van binnenuit. Organisatorisch hebben we het goed op een rijtje, maar zorgen over onze ‘geestelijke gezondheidszorg’ stapelen zich op. Blijkbaar laat God zich niet zomaar ontmoeten in een kathedraal.

Waar blijven we als onze kathedraal verkruimelt? C. S. Lewis was ook een bouwer van een kathedraal. Zijn kathedraal bestond uit zijn eigen bevindingen, apologieën en ethische uiteenzettingen. Zijn oeuvre vormt een christelijk monument, een schitterend bouwwerk. Maar Lewis verloor zijn vrouw aan kanker en toen ging zijn kathedraal ging tegen de vlakte. Als een kaartenhuis stortte het in. 'Mijn geloof was verbeelding,' zei hij schreeuwend tot God. Het huis kan dus onbewoond zijn. Uiteindelijk vindt Lewis God terug tussen de puinhopen. Pas wanneer al zijn eerdere constructies en zekerheden zijn verdampt. Hij vindt een God die meer vragen dan antwoorden oproept. 'De hemel zal antwoorden geven,' zei hij nuchter.

Misschien moeten we door de afbraak heen om ontdekt te worden en God opnieuw te vinden. De jongere generatie heeft niet de taak om een nieuwe kathedraal te bouwen. We moeten onze ziel redden en dan volgt onze roeping vanzelf. Een woonwagen komt meer met ons geloof overeen dan een kathedraal. Als de Schepper zelf Zijn werk afbreekt, mogen wij dan jammeren over de afbraak van ons werk? Ik heb geen toverstokje, maar wel de genadige God bij wie alles mogelijk is.”

Tenslotte wijst de spreker op de glansrijke toekomst die voor ons ligt. “Christus komt eraan. De zandloper is bijna leeg. Nog even geduld, broeders.”

Klik hier om de lezingen van de Haamstedeconferentie terug te luisteren.

CIP+ logo

Christenen die meer diepgang willen kiezen voor CIP+

Je las net een gratis CIP+ artikel. Meld je aan en start je gratis maand.

Start je gratis maand

Haamstedeconferentie 2018
- Ds. J. Westerink: "De Heere willen dienen is niet genoeg"
- Ds. De Wit leest Psalmen met dementerenden: "Soms ga ik zingend verder"
- Ds. W. Harinck kijkt niet te veel in achteruitkijkspiegel: "Idealiseer het verleden niet"
- De dominee is als een postbode die aanbelt - "De preek is geen strooibiljet"
Meer over Haamstedeconferentie 2018 »

Reacties

D
Wat een heldere analyse. Laten we er wat mee doen.
Toon meer reacties (5)

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Krijg volledige toegang tot CIP.nl. Start je gratis maand.