Prof. dr. M. J. Kater

God

21 juni 2018 door Jeffrey Schipper

Prof. dr. Kater: "Ook niet-spectaculaire kerkdiensten zijn verbazingwekkend"

“Soms lijkt een kerkdienst volgens een vast patroon te worden afgedraaid. Verbazen we ons nog over een ontmoeting met de drie-enige God?,” vraagt prof. dr. M. J. Kater zich af. In zijn boek ‘Een samenkomst om naar te verlangen’ gaat de hoogleraar in op de essentie van de traditionele kerkdienst. “Ook niet-spectaculaire kerkdiensten zijn verbazingwekkend.”

CIP+ logo

Dit artikel is je cadeau gedaan door CIP+ lid Jeffrey Schipper.

Word ook lid

Wat zich tijdens een kerkdienst afspeelt is volgens de christelijke gereformeerde hoogleraar praktische theologie ten diepste een verbazingwekkend gebeuren. “Ik wil in ieder geval het verlangen opwekken om daar te zijn waar onze God ons wil ontmoeten. Juist wanneer kinderen of jongeren een kerkdienst als saai ervaren kan mijn boekje mensen op weg helpen om hierover door te praten.”

Wat is er eigenlijk verbazingwekkend aan een kerkdienst?
“Wanneer je een gemiddelde, traditionele kerkdienst binnenloopt is het op het eerste gezicht niet zo verbazingwekkend wat er allemaal gaande is. Er staat iemand op de kansel, mensen zingen wat liederen, er wordt gebeden. Er gebeurt weinig spectaculairs. Het verbazingwekkende is dat er écht contact is tussen hemel en aarde. Ik weet heel goed dat een kerkdienst daarvoor geen voorwaarde is. Dat kan ook heel goed met een open Bijbel in je slaapkamer. Desondanks ben ik ervan overtuigd dat er een plek is waarvan de Heere zegt: ‘hier ontmoet ik jullie gezamenlijk en daar wil ik het Woord tot jullie spreken.’ God is hoog verheven, maar toch is Hij onder ons. Dat is écht om je over te verbazen!”

"Soms lijkt een kerkdienst volgens een vast patroon te worden afgedraaid. Verbazen we ons nog over een ontmoeting met de drie-enige God?"

Maar waarom licht u specifiek de kerkdienst uit? Ook in mijn woonkamer kan ik met broeders en zusters samenkomen om God te ontmoeten.
“Begrijp me niet verkeerd, ik moet er niet aan denken dat we slechts twee keer anderhalf uur per week de gelegenheid krijgen om iets van God te ontvangen. Alsof Hij de rest van de week stil blijft. Daar moet ik niet aan denken. Maar ik denk wel dat er concentratiemomenten zijn en daar valt een kerkdienst ook onder. God roept Zijn kinderen samen – zoals Hij dat vroeger deed met het volk Israël. Het Joodse volk werd door God geroepen en zo werkt Hij in het Nieuwe Testament ook via Zijn gemeente. Dat zie je ook in Handelingen bij het ontstaan van Gods gemeente. Blijkbaar is het niet Gods weg dat we individueel onze geloofsweg bewandelen, maar dat we samen optrekken met medegelovigen en hen daar ook hard bij nodig hebben.”

U schrijft dat een kerkdienst meer is dan informatie uitwisselen. Toch ken ik veel mensen die vooral naar een dienst gaan om naar de preek te luisteren…
“Ik denk dat het heel goed is wanneer mensen met die instelling naar de kerk gaan. Maar het is niet vergelijken met het bezoeken van een lezing met een boeiend onderwerp. Dan ben je vooral gericht op kennis vergaren. Natuurlijk is dat ook een aspect van de kerkdienst, maar het is geen onderwijssituatie.

In die ontmoeting tussen God en mens gaat het uiteindelijk om het hart. Er moet een verlangen ontstaan dat sterker is dan alle andere verlangens: een verlangen naar God. Dat is meer dan alleen dogmatiek behandelen. Het heeft een veel persoonlijker karakter. Er is altijd iets aparts aan een kerkdienst. Uit ervaring weet ik dat het mensen kan ontroeren. Het doet iets met ze. Ook ik kan mij nog goed een aantal preken herinneren dat ik járen geleden heb gehoord. Dit toont aan dat er veel meer omheen zit dan alleen luisteren.”

Wat is wat u betreft een veelvoorkomend misverstand over de traditionele kerkdienst?
“Het bekende verwijt is dat de kerkdienst een ‘onemanshow’ is van de persoon die op de kansel staat. Daarbij wordt vergeten dat het Woord aan de gemeente is gegeven. Wij kennen geen onderscheid tussen geestelijken en leken, waarbij de dominee even uitlegt hoe het in elkaar zit. In een deel van de reformatorische gezindte wordt helaas wel op die manier naar de gemeente gekeken. In principe hebben kerkgangers geen dominee nodig om het Woord te lezen en te begrijpen.

"In principe hebben kerkgangers geen dominee nodig om het Woord te lezen en te begrijpen."

Aan de andere kant kan een kerkdienst ook ons ‘feestje’ worden. Volledig vanuit onze eigen verlangens een kerkdienst invullen, kijkend naar behoeften van jong en oud. Dan wordt het al snel ons ‘georganiseerde bijeenkomstje’. ‘We doen het op een manier die bij ons past.’ Die gedachte is de laatste jaren steeds meer in. Volgens mij moeten we hier echt voor waken. Het zou zomaar eens kunnen dat God onze moderne manieren helemaal niet nodig heeft om mensenharten te raken.”

Stel: ik verhuis naar Apeldoorn. Dan kan in op zondag naar tientallen verschillende kerkdiensten. Blijkbaar kan het op allerlei manieren worden vormgegeven. Waar gaat het écht om wat u betreft?
“Volgens mij moet je dan de kern voor ogen houden: gaat in deze kerk het Woord open? Is hier het besef dat er een ontmoeting plaatsvindt tussen God en Zijn gemeente? Zelf vind ik het bijvoorbeeld heel principieel hoe een kerkdienst is opgebouwd. Is er sprake van schuldbelijdenis? Juist in een samenleving waarin steeds minder waarde aan schuld wordt gehecht, lijkt mij dat cruciaal.

Verder kun je op allerlei verschillen uitvergroten. In de ene kerk worden Psalmen gezongen. Elders geeft men de voorkeur aan Gezangen of Opwekking. Als er in een kerkdienst niet het besef is van waar het om gaat, maakt het dan uit of je Psalmen op hele noten of flitsende Opwekkingsliederen zingt? Het gaat er wat mij betreft om dat er plaats moet zijn voor het verbazingwekkende: een ontmoeting tussen God en Zijn gemeente. Als het daar om gaat kun je een heleboel dingen tijdens de kerkdienst verdragen.”

Pionier Remmelt Meijer merkt op dat steeds meer christenen kerk en geloof niet meer kunnen combineren. Wat valt u op aan zijn verhaal?
“Meijer stelt dat ‘een deel van de grensgangers ervaart dat hun relatie met God binnen de kerk niet groeit’. Daar blijf ik even hangen. Dit kan ook een kwestie zijn van ‘ik voel niets meer bij mijn kerk, dus ik heb ook niets meer met de inhoud.’ Natuurlijk hoort gevoel ook bij het geloof. In die zin zou iedere kerk deze opmerking aan moeten trekken, ook in de reformatorische gezindte. Is er bij ons nog wat te beleven of stampen we hoofden vol en vergeten we het hart?

"In de kerk kunnen we mooie woorden spreken, ook tijdens de preek, maar toch levens van mensen niet raken."

Met een andere houding naar de kerk komen is dan ook een te gemakkelijk antwoord waar grensgangers niets aan hebben. Misschien is het ook een kwestie van anders communiceren. Ik vertel niets nieuws als ik zeg dat we leven in een beeldcultuur. De spanningsboog is verkort. Informatie komt vandaag de dag in korte, flitsende momenten binnen. En dan zit je op zondag ineens anderhalf uur stil. Een prediker moet zich bewust zijn van de tijd waarin hij zijn boodschap geeft.

Tegelijkertijd bestaat er geen enkele kerk waar ik aan mijn trekken kan komen. Iedere kerk valt tegen, omdat het uit mensen bestaat. Je kunt er ook voor kiezen om omgekeerd te redeneren. Wat heb ik mijn kerk te bieden? Hoe kan ik het geloof van anderen voeden? Als grensganger kun je je dus ook afvragen of je in de loop der jaren misschien te veel ‘consument’ bent geworden. In die zin snijdt het mes aan twee kanten.”

Wat hebben deze grensgangers tot kerken te zeggen?
“Meijer constateert dat ‘activiteiten in de kerk op zichzelf zijn komen te staan’. Als er wordt vergaderd moeten we ons afvragen: waarom doen we dit? Het kan zomaar zo zijn dat sommige activiteiten geen binding meer hebben met het hart van het Evangelie. Dat is een les die we als kerk moeten aantrekken.

In de kerk kunnen we mooie woorden spreken, ook tijdens de preek, maar toch levens van mensen niet raken. Als het antwoord op iedere vraag is dat ‘je veel moet Bijbellezen en bidden’, zou ik ook denken: ‘voor dat antwoord hoef ik niet naar de kerk te komen.’ Als mijn nood en het gevoel van Gods afwezigheid niet ter sprake komen, valt herkenbaarheid weg. Hebben we nog een Woord dat betrekking heeft op het héle leven? Ook op dat gebied is er werk aan de winkel.”

Klik hier om het boek van prof. dr. M. J. Kater te bekijken of te bestellen.

CIP+ logo

Christenen die meer diepgang willen kiezen voor CIP+

Je las net een gratis CIP+ artikel. Meld je aan en start je gratis maand.

Start je gratis maand

Reacties

N
Ik kan me vinden in het verhaal van prof. Kater. Hij zegt dat in principe gemeenteleden geen dominee nodig hebben om het Woord te lezen en te begrijpen. Dat is op zich waar omdat het de grote verdienste van o.a. Luther is geweest dat de Bijbel ook door gewone mensen kan en kon worden gelezen. Dat is waarschijnlijk ook wat hij bedoelt. Toch gaat het in de verkondiging om oude en nieuwe dingen, die een predikant/voorganger naar voren kan en moet brengen. Dat vraagt studie. Maar een gemeente is daar wel bij gebaat in exegese en toepassing in 2018.
REAGEER

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher