Sandra Dekker
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

SAMEN MET HET NBG

 

Mijn Bijbel brengt samen: ‘Omarm gewoon elkaar’

‘De Bijbel leert mij dat we onze naasten lief moeten hebben', vertelt Sandra Dekker (47). Van oorsprong is ze verpleegkundige, tegenwoordig werkt ze als veldwerker bij Stichting Gave en is nauw betrokken bij vluchtelingen. 'We kunnen hierover elke dag leren. Natuurlijk kan ook ik dit niet zonder God en weet ik dat alles genade is. Wij kunnen als christenen de vluchtelingenproblematiek niet oplossen, maar we kunnen mensen behandelen zoals we zelf behandeld willen worden.’ Sandra is één van de gezichten van de Mijn Bijbel campagne van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap. In deze campagne gaan we op zoek naar de betekenis van de Bijbel voor jou. Kom hier meer te weten.

Een stukje meewandelen
‘In 2015 werd ik, zoals heel veel mensen, diep geraakt bij het zien van de toestroom van asielzoekers naar Europa. Ik moest daar als christen wat mee doen. Eerst heb ik me als vrijwilliger ingezet bij een noodopvang. Er zijn raakvlakken met mijn oorspronkelijke beroep als verpleger, de zorg voor anderen, maar voor mij persoonlijk is het ook een kwestie van “gewoon doen wat Jezus van je vraagt”. Zo ben ik begonnen, vanuit mijn geloof. Ik zou graag willen dat er mensen naar mij omzien als ik in zo’n positie zou zijn. Ik wil mensen praktisch bijstaan op allerlei gebieden. Een luisterend oor bieden. Samen thee drinken, een activiteit doen, uitzoeken hoe zaken geregeld moeten worden – ook als we in gesprek komen met een advocaat, rechtbank of IND. Ik denk aan Jezus, die “wandelt” door het evangelie. Hij ontmoet mensen en staat stil bij hun vragen. Dat is wat ik in zijn spoor wil doen: een stukje met mensen meewandelen.’  

'Ik kan intens genieten van de hartelijke manier waarop mensen hier met elkaar omgaan'

Krachtig en zachtmoedig
‘Ik geniet van Gods diversiteit in mensen, maar ook op het gebied van mens-zijn en cultuur. Ik leer elke dag weer nieuwe dingen! Zeker waar het gastvrijheid betreft, dat lijken we wel wat verleerd te zijn in Nederland. Ik kan intens genieten van de hartelijke manier waarop mensen hier met elkaar omgaan. Het is bijzonder dat je gelovigen ontmoet uit een compleet andere cultuur, en elkaar toch herkent als volgeling van Christus.’

Een van de mensen die Sandra heeft ontmoet is de Syrische Meryam. ‘Meryam is een vrouw met een krachtig hart – en toch is ze heel zachtmoedig. Ze straalt vreugde uit, is standvastig in haar geloof. Maar ze is ook gewoon een mens – het is zeker niet eenvoudig voor haar.’

'Wij hebben met coronabeperkingen meegemaakt wat het betekent als je vrijheid moet inleveren. Voor deze mensen duurt het allemaal nog langer'

Extra moeilijk
Sandra beschrijft hoe vluchtelingen op een AZC vaak aankomen: ‘In eerste instantie hebben mensen veel hoop. Ze hebben mooie toekomstdromen. Maar vervolgens belanden ze in een langdurig proces. Persoonlijk denk ik dat mensen onnodig lang in onzekerheid worden gehouden. Wij hebben met coronabeperkingen meegemaakt wat het betekent als je vrijheid moet inleveren. Voor deze mensen duurt het allemaal nog langer, jarenlang. Het is veel strenger en mensen kunnen niet veel doen. Er zijn beperkingen in communicatie door cultuur- en taalverschil en er is bij sommige Nederlanders een vijandige houding. Dat maakt het extra moeilijk.’ 

Alles is genade
Welke rol speelt de Bijbel in dit ingewikkelde verhaal? Sandra: ‘De Bijbel heeft mij geleerd dat we onze naasten lief moeten hebben. Ik kan dit niet zonder God en maak fouten, maar dan is daar altijd genade. Er is een groot wereldwijd probleem. Meer dan tachtig miljoen vluchtelingen … Het is heel complex. We kunnen niet iedereen binnenlaten, maar wel kunnen we strijden voor rechtvaardigheid en ik kan mensen behandelen zoals ik zelf behandeld zou willen  worden.’ 

Uw land is mijn land, uw God is mijn God
Voor Sandra is het bijbelverhaal van Naomi en Ruth heel relevant. ‘Naomi vlucht voor een hongersnood naar een ander land. Ze verliest haar man en beide zoons, maar is gezegend met twee schoondochters. Uiteindelijk blijft één van de schoondochters bij haar. Zij zegt: “Uw land is mijn land, uw God is mijn God.” Ruth moest alle nieuwe gewoontes leren, wennen aan een totaal andere situatie. Ze kijkt met ogen van welwillendheid en tevredenheid naar haar nieuwe situatie. Ze is toegewijd aan Naomi en aan Naomi’s God. Daar komt zegen uit voort. Dat zie ik ook bij vluchtelingen hier in Nederland. God voorziet. Niet altijd zoals wij dat in gedachten hebben, maar Hij geeft wat we nodig hebben en kan uit slechte omstandigheden iets goeds voortbrengen. Zijn wegen zijn hoger dan die van ons. Het gaat ons begrip te boven.’  

'Jezus heeft mensen lief, zo mogen wij ook naar mensen kijken die op onze weg komen.’

‘In het Nieuwe Testament denk ik aan de Samaritaanse vrouw en aan Maria Magdalena. Deze vrouwen hebben beide Jezus gevonden, of eigenlijk, Jezus vond hen. Wat mij raakt is dat zij niet door Jezus veroordeeld worden. Ze mogen Hem volgen en ze worden door God gebruikt voor hun omgeving. Jezus heeft mensen lief, zo mogen wij ook naar mensen kijken die op onze weg komen.’

‘“Heb God lief boven alles en je naaste als jezelf.” Dat is mijn favoriete bijbelgedeelte. Met daarbij Matteüs 5:46: “Is het een verdienste als je liefhebt wie jou liefheeft?” Juist de mensen die niet zo “gemakkelijk zijn om van te houden,” mogen wij liefhebben. Mijn Bijbel brengt ons samen.’

Benieuwd naar de NBV21? Bekijk 'm hier