Familie Leeftink in actie voor ZOA
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

SAMEN MET ZOA

 

Nederlands-Syrisch gezin sportief voor ZOA: "We kunnen hoopverlener zijn!"

Op de skeelers, de racefiets, wandelend of hardlopend: het hele gezin Leeftink uit Barendrecht doet enthousiast mee aan de Race voor Refugees onder de naam SYRILANDI. Ze hebben hun roots in Syrië. Als geen ander weten ze wat het is om alles achter te laten: “Het is zwaar, heel moeilijk. We missen onze familie enorm.”

We zijn er voor onze naasten in nood die lijden in deze gebroken wereld. We zijn er voor mensen die alles kwijt zijn geraakt door een oorlog of een ramp. Samen met jou kunnen we in noodsituaties snel te hulp schieten. En hen ook daarna trouw blijven, door te helpen bij het opbouwen van een nieuw bestaan. Net zo lang totdat ze zichzelf weer kunnen redden.

Nederlander Martijn studeerde rond de eeuwwisseling islamologie, als specialisatie van zijn studie theologie. Hij ontmoet in de bruisende hoofdstad Beiroet de pres­byteriaanse Syrische Kinda, die na haar studie Arabisch in Damascus op deze plek theologie studeert. De vonk slaat over en - ­om een lang verhaal kort te maken ­- ze trouwen in 2004. Damascus wordt bijna vanzelfspre­kend hun woonplaats. Kinda is er geboren en getogen. “Het is een prachtige stad! History was made there”, lacht ze.

“Als je een winkel binnenstapt, krijg je weleens spontaan thee aangeboden. Dat zie ik hier in de supermarkt nog niet zo snel gebeuren”

Damascus is een van de oudste steden in het Midden­-Oosten, met geurige markten, kleurrijke steegjes en bekend om zijn gastvrijheid. “Als je een winkel binnenstapt, krijg je weleens spontaan thee aangeboden. Dat zie ik hier in de supermarkt nog niet zo snel gebeuren”, lacht ook Martijn. Hij gaat onder meer aan de slag voor het Nederlands Instituut voor Academische Studies. Kinda werkt bij een Amerikaanse onderwijsinstelling, totdat de instelling om politieke redenen haar deuren moet sluiten. Intussen krijgen ze hun eerste kinderen, Natalie en Daniël.


Het gezin Leeftink in Damascus

"Plots hoorden we een enorme explosie"

Langdurig conflict
In 2011 breekt in Syrië de burgeroorlog uit. Wat merken ze daar in het begin van? Kinda: “In Tunesië, Egypte en Libië waren er demonstraties. Ik dacht nog bij mezelf: dat gebeurt vast niet hier, mensen zijn heel bang. Maar als het hier gebeurt, wordt het een groot bloedbad.” Helaas komt haar voorspelling uit. De demonstraties in Syrië blijven niet zonder gevolgen. Aanvankelijk is het relatief rustig in de Syrische hoofdstad, maar de ge­vechten komen steeds dichterbij. De ene na de andere ambassade sluit zijn deuren. “Op een dag, het was voorjaar 2012, was Daniël met de schoolbus naar school. De route liep langs een militaire kazerne. Wij waren thuis en hoorden plots een enorme explosie. We schrokken enorm. Het bleek achteraf ver daarvandaan, maar we beseften dat het echt niet meer veilig was.

In de zomer van 2012 kwamen ook de bom­menwerpers. Heel stressvol. We besloten definitief naar Nederland (terug) te gaan. Makkelijk was die beslissing niet. Wij hoefden niet te vluchten, maar moesten wel ons hele leven achterlaten: onze familie, ons huis, werk en onze school.” Natalie en Daniël bevestigen: “We missen vooral onze vrienden en onze neefjes en nicht­jes.” Kinda vult aan: “Het is heel moeilijk, nog steeds. Mijn vader en moeder mis ik nog het meest. Maar ik mis bijvoorbeeld ook mijn taal, het is zo heerlijk om je te kunnen uiten in een taal die zo helemaal bij je past.” Martijn: “Eigenlijk leven we in twee werelden. We verlangen terug naar Syrië en onze familie, maar proberen intussen hier een leven op te bouwen.”

Enorme nood
Het gezin strijkt neer in Barendrecht. Kinda is fulltime huismoeder en helpt mee met bijbelstudies voor vrouwen uit het Midden­-Oosten. Martijn werkt als missionair predikant in Rotterdam, specifiek in christe­lijk ontmoetingscentrum Het Kruispunt, waar christenen en moslims met elkaar kunnen praten en deelnemen aan (sociale) activiteiten.

Omdat Kinda en Martijn nog steeds contact hebben met hun Syrische familie en vrienden, weten ze dat de situatie in Syrië nijpend is. De internationale sancties treffen vooral de burgerbevolking. Naar schatting zestig procent leeft onder de armoedegrens.

"We kunnen weliswaar niet zelf ter plekke hulp bieden, maar we kunnen wel hoopverlener zijn"

“Mijn vader en een dominee van een lokale kerk helpen ontheemden in hun wijk. Maar dat is heel lastig. Basisbenodigdheden zijn er bijna niet of onbetaalbaar, zoals schoon drink­water, brood of elektriciteit. De prijs van brood is net zo hoog als een maandinkomen! Daarnaast heeft de burgeroorlog niet alleen huizen kapotgemaakt, maar ook relaties. Er is een diepgeworteld wantrouwen naar elkaar ontstaan, terwijl het zo’n gastvrij land is”, verzucht Kinda. “Wat Syriërs nodig hebben, is onderlinge vrede en vrede in hun hart, wat volgens mij alleen via Jezus mogelijk is. Daar bidden we voor. Ondertussen zijn we heel actief met Race for Refugees.” Martijn: “We zijn blij dat ZOA in Syrië aanwezig is en hulp verleent. Dat geeft hoop. Zo kunnen we weliswaar niet zelf ter plekke hulp bieden, maar we kunnen wel hoopverlener zijn!”

Meedoen aan de Race for Refugees? Kijk hier!
Dit artikel is eerder gepubliceerd in ZOA-magazine. Ontvang het magazine (gratis)!