Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Levensverhaal

19 maart 2021 door Terdege

Zussen Nienke en Carolien kwamen te vroeg ter wereld

Ze zijn twee van de drie kinderen uit één gezin die te vroeg geboren werden, Nienke van der Wal-Boeijenga (38) en Carolien van Veen-Boeijenga (28). Vooral Nienke merkt daar nog de gevolgen van. Toch kunnen de meiden het er goed over hebben. "We zijn bevoorrecht dat we hier zitten. Het had heel anders kunnen aflopen.”

Hun moeder Ika is drie van de vier keer te vroeg bevallen. "Een snel overprikkelde baarmoeder”, legt ze uit. Het begint als ze veertig jaar geleden zwanger wordt van oudste zoon Floris. Met 30 weken krijgt ze buikpijn en blijkt dat de bevalling is begonnen. Een dag later wordt het jongetje geboren. Wonder boven wonder is Floris een volledig gezonde jongen. Hij heeft geen beademing of sondevoeding nodig en mag na vijf weken ziekenhuis mee naar huis.

"Als dit kindje het overleeft, zal het waarschijnlijk verstandelijk en lichamelijk gehandicapt worden”, vertelt de kinderarts.

Als Ika binnen een jaar opnieuw zwanger raakt, maakt ze zich geen zorgen. Zelfs als de bevalling met 31 weken opnieuw veel te vroeg inzet, blijft ze kalm. Maar Nienkes vroeggeboorte verloopt heel anders dan die van Floris.
Ika moet een spoedkeizersnee ondergaan, omdat Nienkes harttonen steeds verder dalen. De artsen krijgen na de incisie niet snel genoeg grip op de kleine baby. Het hoofdje van Nienke komt klem te zitten in de zich door de weeën sluitende baarmoeder.

Nog dieper wordt het mes gezet om Nienke zo snel mogelijk te verlossen. Maar het leed is dan al geschied. Doordat Nienkes tere babyhoofdje even heeft vastgezeten, krijgt ze een hersenbloeding. Heel ernstig, vertellen de artsen.
Ika en haar man maken zich vreselijk zorgen. Omdat Ika net een heftige keizersnede achter de rug heeft en Nienke in een ander ziekenhuis verblijft, kan ze haar dochter niet bezoeken. Ze besluit twee dagen later samen met haar man stiekem het ziekenhuis uit te gaan. Een briefje op bed moet de verpleging gerust stellen: "Ik ben even naar onze baby.”

Een heel spannende tijd breekt aan voor de Boeijenga’s. Geboortekaartjes kunnen uit voorzorg nog niet verstuurd worden. "Als dit kindje het overleeft, zal het waarschijnlijk verstandelijk en lichamelijk gehandicapt worden”, vertelt de kinderarts.
Het meisje blijft acht weken in het ziekenhuis. Daar krijgt ze sondevoeding en zuurstof. Ook wordt meteen met fysiotherapie gestart, omdat de linkerkant van haar lijfje spastisch is.

"Ruimtelijk inzicht heb ik ook niet. Ik ben altijd de weg kwijt."

En toch: Nienke lijkt het boven verwachting goed te doen. Na twee maanden mag ze mee naar huis, waar ze zich ondanks de prognoses bijzonder positief ontwikkelt. Moeder Ika: „Haar linkerbeentje en linkerarmpje waren wat stijf. Verder zag je niks aan haar.”
Ook op school doet Nienke het prima. Ze draagt een spalk aan haar linkerbeen en moet er later ook aan geopereerd worden. Maar ze komt goed mee met het schoolwerk. "Het was ons zonnestraaltje. Ze was altijd vrolijk.”

Inmiddels is het 28 jaar later. De beide zussen hebben van hun ouders het verhaal van hun geboorte vaak genoeg gehoord. Toch blijft het hen verwonderen. Nienke: "We zijn eigenlijk heel bevoorrecht dat we hier zo zitten. Het had heel anders kunnen aflopen.” Wat de zussen uiteindelijk hebben overgehouden aan hun vroeggeboorte? Nienke: "Ik loop nog steeds niet gemakkelijk.”

Moeilijker nog, maar onzichtbaar voor anderen, is de schade die de hersenbloeding bij Nienke vanbinnen heeft aangericht. "Zo heb ik moeite met prikkels, kan ik niet zo goed omgaan met onverwachte dingen en heb ik weinig overzicht. Op de middelbare school sloeg ik bijvoorbeeld door in het maken van mijn huiswerk. Al in de derde klas was ik gestrest voor de examens van de vierde.” Ika: "En je kunt geen twee dingen tegelijk. Als je aardappelen opschepte en iemand vroeg iets aan je, stopte je met opscheppen.” Nienke: "Dat heb ik nog. Daarom heb ik ook nooit leren autorijden. Het zijn te veel handelingen tegelijk. Ruimtelijk inzicht heb ik ook niet. Ik ben altijd de weg kwijt. Op school liep ik achter anderen aan naar een klaslokaal, in mijn eentje had ik het nooit gevonden.”

"Daar denk ik zeker de laatste jaren vaak over na. Dat ik met een bepaald doel mocht blijven leven.”

Ook hebben de beide zussen verlatingsangsten gekend. Nienke: "Het idee een dierbare te verliezen, daar durfde ik niet eens over na te denken.” Carolien: "Daar werd ik gek van. Maar het is moeilijk om psychische klachten toe te wijzen aan vroeggeboorte. Dat kun je eigenlijk niet hard maken.” Ika, wijzend naar Carolien: "En je hebt jarenlang geen pijngevoel gehad. Dat schijnt veel voor te komen bij couveusekinderen, omdat die al zo jong blootgesteld worden aan naalden en pijnlijke onderzoeken. Je kon keihard vallen en weer opstaan alsof er niks gebeurd was.”

De meiden kunnen nog steeds verwonderd zijn over hoe hun leven is verlopen. Nienke: "Dat we mochten blijven leven, opgroeien en volwassen worden.” Carolien: "Daar denk ik zeker de laatste jaren vaak over na. Dat ik met een bepaald doel mocht blijven leven.”

Lees het hele artikel in Terdege. Bestel het nummer via deze website. (Terdege 11). Nog geen abonnement? Bekijk hier alle aanbiedingen.

Foto: Renate Bleijenberg

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen