Ds. G. A. van den Brink
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

God

01 maart 2021 door Redactie

'GerGem-predikant doet alsof hij Luther aan zijn zijde heeft'

'Als ds. J. M. D. de Heer een andere opvatting dan Luther heeft over Gods rechtvaardigheid, laat hij dat dan toegeven, in plaats van mij te bestrijden en te doen alsof hij Luther aan zijn zijde heeft', schrijft ds. G. A. van den Brink (foto) in het Reformatorisch Dagblad.

'De ontdekking van Luther was deze: God is allereerst barmhartig, en daarna ook rechtvaardig', schreef Van den Brink eerder in het RD. 'Wie God wil leren kennen, moet niet bij Zijn rechtvaardigheid beginnen maar bij Zijn barmhartigheid', stelt de hersteld hervormde emerituspredikant. In een reactie maakte ds. J. M. D. de Heer duidelijk dat hij het niet met Van den Brink eens is. 'De wet maakt klein en nederig, en op die wijze bereidt zij tot rechtvaardiging en drijft zo tot Christus. Het zijn woorden van Luther.'

Ds. De Heer: 'In de rechtvaardiging komt de zondaar niet verder dan een overtreder van de wet die hem veroordeelt', schrijft hij verwijzend naar Zondag 23 uit de Heidelbergse Catechismus. 'In de waarachtige bekering krijgt een zondaar met God te maken. Dat gebeurt door middel van de wet, die Gods heiligheid uitdrukt.'

Van den Brink merkt in reactie daarop op dat de gereformeerde gemeente-predikant uit Middelburg zich geen raad weet met wat Luther schrijft over het Evangelie. 'Hij zegt feitelijk: 'Wee mij indien ik de wet niet verkondig.' Maar Paulus zei (en Luther met hem): 'Wee mij indien ik het Evangelie niet verkondig', stelt de predikant. 'Als hij met Luther zou zeggen dat Gods evangelische rechtvaardigheid uit vergeving bestaat, en dat daar het geestelijke leven begint (Galaten 3:2-3), dan zou hij zijn huidige opvatting over de aard van de wedergeboorte moeten prijsgeven.'

Lees het volledige artikel van ds. G. A. van den Brink.

Reacties

C
Diep respect voor de heldere uiteenzetting van Ds. Van den Brink. Ik heb verscheidene kerkdiensten meegemaakt waarin hij voorging, en ben dankbaar voor de wijze waarop hij de Heilige Schrift uitlegt.
K
Een vreemde discussie. Van de Brink stelt terecht dat er aandacht moet zijn voor Gods barmhartigheid. Daarbij vraagt Van de Brink zich af of De Heer bang is voor een te ruime verkondiging van vergeving van zonden.

Maar vervolgens maakt Van de Brink De Heer het verwijt dat bij die laatste er al sprake is van wedergeboorte wanneer men kennis heeft aan het niet kunnen voldoen aan Gods wet. Terwijl Van den Brink stelt dat je ook kennis van Gods barmharigheid noodzakelijk is voor wedergeboorte.
K
Vervolg: Van den Brink verwijt dus De Heer enerzijds bang te zijn voor een te ruime verkondiging van vergeving van zonden, maar maakt de criteria voor wedergeboorte nog wat scherper dan dat De Heer doet. Want blijkbaar kan je volgens Van de Brink wel geloven in God, geloven dat je een zondig mens bent, maar met dat geloof niet wedergeboren zijn en daarmee dus voor eeuwig verloren.

En wat blijft er dan nog over van Gods barmhartigheid?
Toon meer reacties (5)

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen