Piet Vergunst
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

God

28 september 2020 door Piet Vergunst, De Waarheidsvriend

Huisgodsdienst is in de christelijke gemeente van cruciale betekenis

Is de toekomst van de kerk in gevaar als het aantal belijdende leden klein wordt? Ja! Er is geen enkele reden om de neergang van de kerk te relativeren. Laten we de pijn erover niet wegmasseren. Beter is ons te oefenen in het geloof dat in Gods Naam onze hoop verankerd is én de middelen te gebruiken, schrijft Piet Vergunst in De Waarheidsvriend.

De Waarheidsvriend is het huisorgaan van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk in Nederland.

Huisgodsdienst
Om te weten Wie je belijdt en wat je over God belijdt, is in de christelijke gemeente onderwijs nodig. Het gaat (in het voetspoor van Calvijn) om kennis van de leer van de Heilige Schrift, kennis die het hele leven raakt. De basis voor dat onderwijs ligt… in het gezin! Of noemen we ons gezin geen kerkje in de kerk meer? Ook zonder de coronacrisis is de huisgodsdienst van cruciale betekenis. In de tijd van Calvijn kwamen de dienaars van de kerk jaarlijks thuis examineren, om de ouders te controleren op het naleven van hun doopbelofte. Dat zal niet meer gaan. En tegelijk, als mijn kind jaarlijks in twintig keer drie kwartier catechese (als er tenminste nooit verzuimd wordt) zich de kennis van de leer van de Heilige Schrift eigen moet maken, zal het ook niet meer gaan.

Op de vraag hoe een gemeente het doen van geloofsbelijdenis kan stimuleren, is de aandacht voor de huisgodsdienst daarom het eerste antwoord.

Op de vraag hoe een gemeente het doen van geloofsbelijdenis kan stimuleren, is de aandacht voor de huisgodsdienst daarom het eerste antwoord. Een enkele oproep in het kerkblad om je te melden voor de belijdeniscatechese is geloofwaardig als die oproep verankerd is in bredere beleidsmatige aandacht voor de geloofsopvoeding. Hier hoort zeker bij dat de kerkenraad vanuit zijn ambtelijke verantwoordelijkheid zich bezint op het functioneren van de christelijke school, zich optimaal inzet dat in de klas het Woord van God gehoord en bezongen wordt. Uiteraard laat geen ouder zich een schoolkeuze voorschrijven (terecht, want die verantwoordelijkheid draagt elke ouder zelf), maar dat betekent niet dat de kerk zich niet betrokken heeft te weten op het dagelijkse onderwijs aan de kinderen van de gemeente.

Doordenking van de catechese
In een tijd waarin ervaringen en meningen leidend kunnen zijn, is kennis van de leer van de Heilige Schrift extra belangrijk. Die kennis raakt hoofd en hart en handen. Tegelijk gaat het om meer, om het de jongeren van de gemeente leren leven voor Gods aangezicht. Onderwijs over gebed en gebod staan in dit perspectief.

Als we het aantal belijdeniscatechisanten zien teruglopen, zullen we de catechese dan op positieve wijze de plaats geven die ze behoort te hebben? In de bezinning op het functioneren van de catechese hebben diverse hervormd-gereformeerde theologen (wetenschappelijk én praktisch) hun steentje bijgedragen. De leeftijd van velen van hen begint nu echter met het cijfer 7. Is er naast de methoden vanuit de HGJB en de bezinning vanuit ‘Just Read It’ alleen aan de CHE (drs. L. Snoek) en de Driestar (prof. dr. M. J. Kater en dr. A. J. Kunz) nog doordenking van de (praktijk van de) catechese?

In een tijd waarin ervaringen en meningen leidend kunnen zijn, is kennis van de leer van de Heilige Schrift extra belangrijk.

Bij die doordenking hoort sowieso dat elke predikant de catechese als zijn belangrijkste taak na de prediking gaat of blijft zien. Voor de opbouw van de gemeente is zijn betrokkenheid cruciaal, onverlet de gaven die andere gemeenteleden op dit terrein hebben. Laat de betrokkenheid van de dominee bij de catechese en bij het functioneren van de gezinnen zo concreet mogelijk zijn. Gezin, school en kerk vormden vanouds een ‘catechetische driehoek’ – en waar de gemeente geen formele zeggenschap over de school heeft, zal ze zich temeer richten op kerk en gezin.

Prediking verstaan
In de Nadere Reformatie (een bloeitijd voor de kerk óf juist een periode waarin in het dagelijkse leven veel mis ging?) diende de catechese ertoe om de prediking te leren verstaan. Een andere weg is dit dan dat de lat in de prediking verlaagd zou moeten worden. De catechese was er om de dwaalleer te onderkennen, een motief dat in de brieven van de apostelen al te vinden is. Niet minder belangrijk was het motief voor de catechese om te troosten en de zaligheid te leren – denk aan de inzet van de catechismus.

Heilzaam zou het zijn als we binnen de kerkenraad elkaar beloven de standaard van het Woord van God vast te houden, het Woord dat spreekt over het vertellen van de daden van God, Zijn kracht en Zijn wonderen, aan de volgende generaties. Dit Woord leert dat de beloften van het verbond via de middellijke weg ontdekt en toegeëigend worden, dit Woord laat de betekenis van een biddende Hanna en een sprekende grootmoeder als Loïs zien.

Nood van de kerk
Leggen we de lat lager als er minder belijdeniscatechisanten komen, als de vervulling van de ambten op termijn heel kwetsbaar wordt? De nood van de kerk kan immers ook tot andere besluiten leiden, waarbij ik denk aan ordinantie 9-5-4 van de kerkorde van de Protestantse Kerk. Deze bepaling verwoordt dat ook doopleden tot ambtsdrager verkozen kunnen worden, omdat ze met de aanvaarding van hun verkiezing als het ware het geloof belijden. Het hiermee loslaten van de reformatorische lijn doop-catechese-belijdenis-avondmaal lijkt me voor de opbouw van de gemeente en haar ambtelijke functioneren niet verantwoord.

Piet Vergunst is hoofdredacteur van De Waarheidsvriend. Lees hier zijn volledige artikel.

Klik hier om abonnee te worden van De Waarheidsvriend!

Reacties

Praat mee

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen