Piet Vergunst
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Dagelijks leven

04 mei 2020 door Piet Vergunst, De Waarheidsvriend

Naoorlogse ontwikkeling dagblad Trouw illustreert klimaat van christelijk Nederland

Vele maanden na de bevrijding van Nederland verscheen De Waarheidsvriend in… een omvang van twee bladzijden. Het was oktober 1945, schrijft Piet Vergunst in De Waarheidsvriend.

De Waarheidsvriend is het huisorgaan van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk in Nederland.

En wat klonk als eerste: ‘Komt, aanschouwt de daden des Heeren, die verwoestingen op aarde aanricht, die de oorlogen doet ophouden tot aan het einde der aarde.’ Treffend was ze gekozen, deze tekst uit Psalm 46. Wat schrijft de voorzitter van de Gereformeerde Bond, prof. J. Severijn? ‘Gedurende de jaren van verdrukking heeft Gods volk zich vastgeklemd aan het profetische Woord. Het heeft ervaren hoe de nood dringt tot een worstelend gebedsleven en dat de wonderen van God geen einde hebben genomen. En ook velen die vervreemd waren van God en Zijn Woord, zijn naderbij gekomen. Hoe geheel anders werd het Woord gelezen!’

Ontroerend is inderdaad om te lezen ‘hoe in concentratiekampen, met de dood voor ogen, de enige troost in leven en sterven gevonden is in de Christus der Schriften, volhard is in de goede belijdenis, in een laatste brief aan geliefde betrekkingen daarvan getuigd werd’.

Niet iedereen zong de psalmen als ‘vrolijke gezangen van bevrijding’. Dagblad Trouw, in de oorlog opgericht, deed het wel.

Voor overlevenden ligt er de roeping, zo schrijft prof. Severijn, om Gods daden te aanschouwen en te overdenken. Genezing van de slagen, die ligt er bij Hem. De vrucht daarvan voor de toekomst moet gevonden worden in een luisteren naar Gods geboden door overheid en volk.

Wonder van God
Niet iedereen zong de psalmen als ‘vrolijke gezangen van bevrijding’. Dagblad Trouw, in de oorlog opgericht, deed het wel. Op de eerste dag van verschijning lezen we: ‘Voor de bevrijding danken we uit de grond van ons hart den Almachtigen God en hoe kunnen we dat beter en zuiverder doen dan met de 66e psalm? Daar danken we vervolgens onze bondgenoten voor.’ Onze minister-president, P.S. Gerbrandy, sprak van ‘een wonder Gods’.

De Trouw-hoofdredacteur besefte dat bevrijding tegelijk een morele plicht inhield ten aanzien van de Bevrijder. ‘Onze houding naar de geallieerden zij gespeend aan alle opdringerigheid en brooddronkenheid. Dit laatste geldt in het bijzonder voor onze vrouwen en meisjes. De Nederlandse vrouw houde haar eer hoog en bescherme daarmee tevens de eer der bevriende soldaten.’ De krant hield bijeen wat de Bijbel bijeenhoudt: bevrijd van de macht van het kwaad, bevrijd tot een christelijk leven.

Buskus, Banning, Kraemer, Noordmans
Heeft de kerk na de oorlog de woorden uit Psalm 46 verinnerlijkt, vastgehouden? Decennia van secularisatie hebben haar positie gemarginaliseerd. Hoe vruchtbaar is het program gebleken die dr. J.J. Buskus in 1959 namens velen uitsprak: ‘Wij wilden een belijdende kerk midden in de wereld, zo nodig tegenover de wereld, altijd solidair met de wereld vanwege de solidariteit van Christus met de wereld.’ Naast de invloedrijke zendingsman Hendrik Kraemer, die discipelschap en apostolaat beklemtoonde, was de religieus-socialist Willem Banning de aanjager van de naoorlogse vernieuwing in de Hervormde Kerk, een van de mede-oprichters van de PvdA.

Op vele manieren bleek christelijk Nederland niet bestand tegen druk van buitenaf om de heilige geboden van God te omklemmen.

In 1949 deed Buskus evangelisatiewerk in Amsterdam, waarover hij schrijft: ‘Moeilijk en moeizaam werk.’ Hij arbeidde, zoals Noordmans hem later schrijft, ‘op een reusachtig zendingsveld, vlak voor de deuren der kerk. En dan geen kleurlingen, maar bloedeigen neven en nichten, blozende Hollandse jongens en meisjes en flinke Amsterdamse mannen en vrouwen.’ Het zijn de jaren van debat over de centrale plaats voor het belijden, over de vraag of ze weten moet wat je belijdt voordat je de ander zoekt. Het zijn de jaren waarover ds. T. Poot drie maanden geleden in De Waarheidsvriend zei: ‘Heel de apostolaatstheologie heeft geleid tot een innerlijke uitholling. We hebben de omslag gekend van het verticale naar het horizontale.’

De antithese voorbij
Naar de politiek toe betekende deze vernieuwing dat de antithese vanuit de christelijke politiek als vooroorlogs gezien werd. Zeven Amsterdamse predikanten traden toe tot de SDAP, de voorloper van de PvdA. Het opheffen van de antithese in geloven en leven tussen het beginsel van het Evangelie en het leven van de moderne mens is een rode draad in het naoorlogse Nederland. Op vele manieren bleek christelijk Nederland niet bestand tegen druk van buitenaf om de heilige geboden van God te omklemmen.

In gereformeerde kring ging dat veelal sneller dan in hervormde. In 1967 zei hoofdredacteur Bruins Slot van het vanouds gereformeerde dagblad Trouw: ‘De krant kan niet voorbijgaan aan de huidige overwaardering van de sexualiteit en evenmin aan zondagssport.’ Een paar jaar eerder, toen The Beatles, de popgroep uit Liverpool, naar Nederland kwam, klonk het: ‘De Duitse massa-hysterie was heel wat gevaarlijker dan de jeugd-hysterie, opgeroepen door de Beatles. Het verschijnsel echter is toch bedenkelijk.’ Het was de periode dat Trouw ging contrasteren met de vernieuwende buitenwereld, totdat het zelf daarin meeging.

Piet Vergunst is hoofdredacteur van De Waarheidsvriend. Klik hier om het volledige artikel te lezen.

Klik hier om abonnee te worden van De Waarheidsvriend!

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Krijg volledige toegang tot CIP.nl. Start je gratis maand.