De Vijf gewoontes
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

IN SAMENWERKING MET GIDEON

 

Jongerenwerker Jonathan leert met vallen en opstaan: "Ik had een Messiascomplex en was naïef"

"In het begin kwam ik binnen met een Messiascomplex, dat is de fout van elke hulpverlener." Jonathan Pellegrom straalt als hij het kantoor van CIP.nl binnenloopt. Zijn vriendelijke voorkomen en kalmte doen een innerlijke rust vermoeden. Het duurt even voordat we de juiste plek voor een interview hebben gevonden en we worden twee keer naar een andere ruimte gestuurd. Maar er is geen teken van frustratie te vinden bij de schrijver van het boek De Vijf Gewoontes.  

Het boek van Pellegrom gaat over mensen die impact hebben op hun omgeving en dan met name op de levens van jongeren. Jonathan ondervroeg verschillende deskundigen en ontdekte vijf gewoontes die bijna alle mensen met impact op jongeren hanteren. Die opgedane wijsheid zie je terug wanneer hij vertelt over zijn boek. 

Jonathan, waarom moest dit boek er komen? 
“Ik ben ongeveer elf jaar geleden gestart met het voltijd werken met jongeren op straat. Toen ik startte had ik een grote passie om in dit werk een verschil te maken. Ik wist alleen niet zo goed hoe ik dat moest doen. De eerste jaren waren namelijk behoorlijk worstelen. Het is ook gewoon een moeilijke doelgroep en je krijgt te maken met bedreigingen, veel tegenstand en jongeren met hechtingsproblemen. Als je dan eindelijk iets denkt te bereiken doen ze soms opeens de deur weer dicht. Ik ging daarom op zoek naar antwoorden om echt een impact te kunnen maken. Ik heb toen een opleiding gedaan en heel veel mogen leren van mensen die al tien, twintig jaar werkzaam waren in het jeugdwerk. Langzamerhand ben ik toen steeds meer overeenkomsten gaan zien tussen al die mensen die zo succesvol zijn in het beïnvloeden van jongeren. Uiteindelijk heb ik dat teruggebracht tot vijf gewoontes die deze mensen uitleven. Het basisidee van het boek is dat als je die gewoontes onder de knie hebt het minder moeite kost. Pak één ding tegelijkertijd op en ga er mee aan de slag totdat het iets natuurlijks is geworden.” 

Tegen welke problemen liep je aan in die beginfase? 
“De cultuur is een afgezwakte versie van de gangcultuur die je in Amerika ziet. Je komt dezelfde principes tegen, het recht van de sterkste bijvoorbeeld. Veel jongeren hebben een muur om zich heen gebouwd en ze beschermen hun hart met heel veel agressie, afwijzing en hardheid. Je stapt daarin om een relatie met hen aan te gaan. Maar je loopt constant tegen die muur aan. Ze bedreigen je voortdurend met fysiek en verbaal geweld, ook richting je gezin. Van het pand waar wij werkten is in één jaar vijf keer de voorruit kapot getrapt en ik heb een paar keer aangifte moeten doen van doodsbedreigingen die best wel serieus waren. Je komt daarnaast gewoon veel ellende tegen. Het is een hele rauwe omgeving, jonge gasten van elf jaar oud waar je mee werkt en waarvan dan blijkt dat die aan groepsverkrachtingen deden. Als je daar jong en naïef instapt om het verschil te gaan maken is dat eigenlijk een soort non-stop teleurstelling. In het begin kwam ik binnen met een Messiascomplex, dat is de fout van elke hulpverlener. Je verwacht dat mensen heel blij zullen zijn dat je er bent. Je moet jezelf leren dat je doet wat je kan en samen met God het verschil probeert te maken.

Vervolgens moet je jezelf de skill aanleren om het los te laten. Weten dat je gedaan hebt wat je kon. Je mist in het begin gewoon nog de vaardigheden om met die straatcultuur om te gaan. Er is bij veel jongeren een diep wantrouwen. Een jongen die ik al zes jaar kende en gemiddeld vier a vijf uur per week zag vroeg mij uiteindelijk: ‘Ben je nou wel of geen een undercover-agent?’. Ik was verbijsterd, ik dacht wat moet ik nu nog meer gaan doen om jou te laten zien dat ik te vertrouwen ben? Zelfs na zes jaar vertrouwde hij mij dus niet."

Wat was de belangrijkste les die je leerde? 
“Een belangrijke les voor mij was dat impact veel meer te maken heeft met wie je bent dan met wat je doet. De eerste gewoonte is dan ook jezelf zijn, authenticiteit, en daarbij tegelijkertijd je bewust zijn van jouw invloed. Je ziet dat wanneer er een rolmodel in het leven van een jongen aanwezig is, dit de kans op drugsgebruik met 70% vermindert. Dus als jij zelf het instrument bent van verandering bij jongeren, ga dan bewust aan jezelf werken zodat je groeit en meer van jouw wijsheid doorgeeft. God gebruikt wie jij bent als instrument voor verandering, soms als je slecht in je vel zit gebruikt Hij je juist.

"Soms luister je een preek en raak je enthousiast maar is er een maand later nog niks gebeurd"

Ik moest bijvoorbeeld een keer in gesprek met één van de lastigtse jongeren. Hij kon de meest ervaren jongerenwerkers binnen een paar minuten aan het huilen krijgen. Ik was niet gemotiveerd en was al bezig met een film voor die avond. Puur uit plichtsbesef ging ik erheen. Ik bad nog even kort: ‘Zegen het maar’. Vervolgens had ik opeens een gesprek van anderhalf uur met deze jongen en hij nam daar het initiatief voor. Hij vuurde allemaal levensvragen op mij af over het geloof. Dat maak je best vaak mee, op het moment dat jij je het minst geschikt voelt word je soms het meest gebruikt.” 

Wat zijn andere gewoontes die jongerenwerkers met impact uitdragen? 
“Mensen met impact verdiepen relaties. Dit kan door emotioneel aan te sluiten op belangrijke momenten, echt aanwezig te zijn. Maar ook door initiatief te nemen. Door te zeggen: ‘In eerste instantie hoef jij niet je best te gaan doen om mij te leren kennen maar ik ga mijn best doen om jou te leren kennen, want ik geef om jou en ik wil zien wie jij bent.’ Beweeg daarnaast vooruit, je moet weten waar je naartoe gaat. Wat is de visie die je hebt met een persoon? Tegelijkertijd moet je in staat zijn om dat terug te brengen tot hele kleine stappen. Wanneer die kleine overwinningen zich opstapelen kun je op lange termijn impact hebben. Besef ook dat alleen informatie je niet verandert maar juist het toepassen ervan. Soms luister je een preek of podcast en raak je enthousiast maar een maand later is er nog niks gebeurd. Een andere gewoonte is het motiveren van groei bij jongeren. Dat heeft te maken met identiteit. Niet mensen veranderen maar mensen laten zien wie ze zijn in de ogen van God, in potentie. Jongeren motiveren om daar intrinsiek naartoe te groeien. Dat doe je bijvoorbeeld door te zeggen en te zien dat iemand zoveel meer is dan het (destructieve) gedrag dat hij op dat moment vertoont.” 

Wat is de mooiste verandering die je van dichtbij hebt mogen meemaken? 
“Dat een jongen geen zelfmoord had gepleegd dankzij mijn levensverhaal. Ik sprak de broer van deze jongen, die ik overigens maar een paar keer heb gesproken, maar hij zag mij ondanks dat echt als familie. Hij had mijn verhaal aan zijn broertje verteld en dat heeft dus echt iemands leven mogen redden. Dat zijn echt de pareltjes in je werk.” 

Lees ook: Jonathan Pellegrom vertelt over wonderbaarlijke genezing en lijden.

Bestel hier het boek De Vijf Gewoontes!

Krijg volledige toegang tot CIP.nl. Start je gratis maand.