Heidi van de Velde
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Dagelijks leven

14 januari 2020 door Woord en Daad

Hoe een Filipijnse tiener een gezicht kreeg: ’Lenniël heeft inmiddels een plek in onze gebeden’

De 18-jarige Lenniël uit Manilla is voor de eveneens 18-jarige Heidi van de Velde uit Dordrecht niet meer zomaar iemand die ergens leeft. Sinds ze haar ontmoet heeft tijdens een reis met Woord en Daad vorig jaar heeft de Filipijnse tiener een gezicht gekregen voor Heidi. ‘Inmiddels hoort Lenniël ook echt bij ons gezin en heeft ze een plek in onze gebeden’, vertelt ze. Samen met haar oudere broer en drie jongere broertjes schrijft ze haar regelmatig brieven en met haar verjaardag krijgt ze cadeautjes van het gezin.

Via projecten van Woord en Daad ontvangen zo’n 32.000 kinderen goed onderwijs. We willen komend jaar nog eens 2.020 kinderen deze kans geven!

Ook via Facebook onderhoudt Heidi contact met haar leeftijdgenoot in Manilla. ‘Lenniël heeft een oudere en een jongere broer. Voor Facebook gebruikt ze de telefoon van haar oudere broer. We hebben het dan vooral over school en over onze hobby’s’, vertelt Heidi. ‘Lenniël is aan het leren voor docente. Ze houdt heel erg van leren en doet goed haar best, waardoor ze nu een opleiding kan doen. Ze houdt ook heel erg van tekenen. Als we een brief van haar krijgen zit daar altijd een tekening van haar bij.’ Zelf doet Heidi een opleiding voor gymdocente aan de Haagse Hogeschool. Heidi woont nog thuis, en dat geldt ook voor Lenniël.

De ontmoeting vorig jaar met Lenniël was onvergetelijk voor Heidi. ‘Het was bizar om ineens oog in oog te staan met haar. Gelukkig kan ze goed Engels en konden we dus goed communiceren. We hebben heel veel en heel lang met elkaar gepraat. En ja, ook geshopt. Het was heel erg leuk.’

Videoboodschap
Tijdens de terugreis uit de Filipijnen, verscheen er op het telefoonscherm van Heidi een videoboodschap van Lenniël. ‘Ze zei dat ze heel dankbaar was dat we haar sponsoren. Ze beseft dat ze daardoor kansen krijgt en naar school kan. En ik besef op mijn beurt dat het nodig is om kinderen in ontwikkelingslanden te sponsoren. Het doet er echt toe.’

Heidi’s ouders, van huis uit bekend met Woord en Daad, nemen de kosten voor de sponsoring van Lenniël voor hun rekening. ‘Ik ben maar een arme student en kan dat niet betalen nu’, lacht Heidi. Maar blij is ze wel dat haar ouders Lenniël sponsoren. ‘Wij hebben het hier erg goed en kunnen best wat missen. Bij Lenniël hebben ze niks en wonen gezinnen in krottenwijken. Het is echt aan te raden om een kind te sponsoren als je een baan hebt.’

Werelddag 18 januari
Wereldwijd groeien veel kinderen net als Lenniël op in een moeilijke situatie. Armoede, honger, geweld of rampen zorgen ervoor dat ze weinig perspectief hebben.
Op de Werelddag die Woord en Daad op 18 januari organiseert vertelt Mifta Seid (25) over zijn jeugd in armoede en hoe sponsoring voor hem allesbepalend werd voor zijn toekomst. Na zijn middelbare schoolopleiding ging hij medicijnen studeren. Hij bekostigde zijn studie zelf door erbij te werken en deed intussen ook vrijwilligerswerk in diverse vluchtelingenkampen in Ethiopië. Hij werkt op dit moment in een ziekenhuis in West-Ethiopië.

Bekijk het programma van de Werelddag en meld je (gratis) aan!

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen