Pioniersplek PKN

God

30 april 2019 door De Waarheidsvriend

Kerkelijk pionieren: Protestantse Kerk telt zo’n 250 alternatieve samenkomsten

God mag dan terug zijn in Nederland, maar dan niet in uitpuilende oude kerkgebouwen. Het instituut kerk staat (nog) niet in de schijnwerpers. Een gegeven waar de Protestantse Kerk wat mee doet. In minder dan tien jaar kwamen er ongeveer 250 nieuwe kerkvormen naast de bijna 1600 reguliere gemeenten bij: zo’n honderd pioniersplekken, honderd kliederkerken (meestal een bijeenkomst van twee uur, waarbij (groot)ouders en kinderen samen spelen/knutselen, met daarnaast een korte ‘viering’ en een maaltijd) en ongeveer twintig kloosterachtige initiatieven.

De Waarheidsvriend is het huisorgaan van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk in Nederland.

Verder bestaan er leefgemeenschappen en huisgemeenten. Het kerkelijk pionieren begon zo’n tien jaar terug en werd algauw een speerpunt van beleid in de Protestantse Kerk. De synode besloot eind 2012 te streven naar honderd pioniersplekken in vier jaar tijd. Anno nu zijn er ruim tienduizend mensen voor in touw, van wie de helft niet bij een kerk betrokken was. Het blijkt een aanzuigende werking te hebben als christenen hun leven delen met mensen in hun omgeving en in dat verband het Evangelie ter sprake brengen.

Eerste en tweede generatie
De eerste generatie pioniersplekken komt op in ge- bieden waar geen kerk is, zoals in grote nieuwbouwwijken in Nieuw-Vennep, Amsterdam-IJburg en Den Haag-Wateringseveld. Niet veel later gaan Kerk op de Kop in Rotterdam, Nijkleaster in Jorwerd en internetkerk MijnKerk.nl van start.

Vanaf 2013 ontwikkelt zich een tweede generatie pioniersplekken. Klassieke kerkplanting maakt plaats voor een meer lichte, contextuele manier van werken. In Veenendaal en Amsterdam gaan initiatieven van start voor mensen van buitenlandse afkomst. In Drachten voor tieners en hun ouders. In de Haagse Moerwijk voor de buurt, met een huis en een tuin: om een praatje te maken, te helpen met het onderhoud, voor kinderen om te spelen.

De pioniersplekken hebben als gemeenschappelijk doel: ‘een netwerk of gemeenschap vormen waar mensen kunnen ontdekken dat God liefde is en nabij wil zijn’. Ze tellen geen honderden mensen, eerder tientallen. Een eigen predikant ligt meestal buiten bereik; enthousiaste vrijwilligers spelen een grote rol.

Hamvraag is hoe ver je als kerk gaat in het aanpassen aan de mensen met wie je gaat optrekken.

Niet elk pioniersinitiatief houdt stand. Niet bij elk initiatief is even duidelijk hoeveel ‘kerk’ dit is. Is een spirituele wandeling eens in de maand dat? Of tuinieren met de buurt? Samen koffiedrinken? Soms is een initiatief vooral creatief en sociaal. De hervormd-gereformeerde evangelist Jan Verkerk, verbonden aan pioniersplek De Brug in Huizen, heeft daar goed over nagedacht. Voor hem zijn woordverkondiging, sacramenten en ambten drie cruciale elementen voor een pioniersplek die kerkelijk wil zijn. Toch noemt hij De Brug, met zijn Ontmoetingsdiensten op zondag en inmiddels ook sacramentsbedieningen, bewust geen kerk maar een kerkplek.

Whatsappgroep
Met het fenomeen van de pioniersplek komen nieuwe vragen op het bord van de Protestantse Kerk. Wanneer ben je een gemeenschap, hoe betrokken ben je dan? Is een Whatsappgroep van een pioniersplek wat de kaartenbank voor de kerkelijke gemeente is? Ook een pioniersplek heeft leiding nodig, maar hoe zit het met de ambten? En als een gemeenschap toegroeit naar de sacramenten, is het dan daadwerkelijk tijd voor doop en avondmaal? En hóe dan? Vragen te over voor wie als kerk een (nieuwe) weg wil vinden in een postchristelijke samenleving, waar weinig meer vanzelfsprekend is. Hamvraag is hoe ver je als kerk gaat in het aanpassen aan de mensen met wie je gaat optrekken.

Feitelijk is de Protestantse Kerk een leerproces is ingegaan door ‘gewoon’ te beginnen en te zien wat er gebeurt. Langzaamaan komt zicht op de kaders die een pioniersplek nodig heeft. De synode zal op 26 april vergaderen over de vraag waaraan een nieuwe kerkplek moet voldoen om een zelfstandige gemeente binnen de kerk te zijn. Hiervoor zijn tien ‘ecclesiologische essenties’ geformuleerd. Vóór ligt het idee ‘kerngemeente’: een vorm waarbij zelfstandigheid en lichte organisatie samengaan. Dit omdat de stap van pioniersplek naar ‘normale’ gemeente groot is. Zijn in een reguliere gemeente minimaal zeven ambtsdragers vereist, in een kerngemeente zullen dat er drie zijn. En is voor de predikant een academische studie nodig, voor de pastor van een kerngemeente is een hbo-opleiding met nascholing toereikend. De synode formuleert in de conceptnota Mozaïek van kerkplekken een ‘derde weg’: licht georganiseerd én zelfstandig.

Klik hier om het volledige artikel te lezen.

Klik hier om abonnee te worden van De Waarheidsvriend!

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher Spotify