kerststal

God

21 december 2018 door Dr. J. de Gier, De Waarheidsvriend

Ad den Besten dichtte over het Kerstkind: de Heer heeft naar mij omgezien

Op diverse plaatsen in het Oude Testament komen we de formulering tegen dat God ‘omziet’ naar ons mensen, omzien in de betekenis: aan iemand zorg besteden, zich om iemand bekommeren, betrokkenheid tonen, legt dr. J. de Gier uit in De Waarheidsvriend.

Direct al in het boek Genesis wordt dit woord genoemd. Als Hagar is weggestuurd uit het tentenkamp van Abraham, ontmoet ze in de woestijn de Engel des Heeren en ze reageert daarop met de woorden: ‘U bent de God die naar mij omziet.’

De Waarheidsvriend is het huisorgaan van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk in Nederland.

Gods toekomst
De dichter Ad den Besten (19232015) wijdt aan dat ‘omzien’ van God een apart gedicht, en hij voegt er als informatie aan toe: ‘Een lied bij Genesis 16:1-16 en 21:8-21’, de geschiedenis van Hagar dus.

De Heer heeft naar mij omgezien
De Heer heeft naar mij omgezien! Ik had geen leven meer, indien Hij mij had laten dolen, klein in de eindeloosheid der woestijn.

Hij zag naar mij, - nu zie ik Hem, hoor in de eenzaamheid Zijn stem. De bron des levens is vlakbij, Gods toekomst opent zich voor mij!

Geloven in God, geloven in het Kind van Bethlehem als de Redder der wereld is een individuele zaak. 

De dichter verplaatst zich in de situatie van Hagar. Woorden als ‘dolen’ en ‘woestijn’ verwijzen enerzijds naar het oudtestamentische geschiedenis van Hagars ontmoeting met de Engel des Heeren, maar het gedicht is ook te lezen als een adventsgedicht. Voor een wereld, verloren in schuld, voor mensen die ‘dolen’ in de ‘woestijn’ van het leven, is er na Bethlehem weer perspectief: ‘Gods toekomst opent zich voor mij!’ Het valt daarbij op dat de dichter het ‘omzien’ van God heel persoonsgericht tekent: ‘De Heer heeft naar mij omgezien!’, ‘Hij zag naar mij’ en ‘Gods toekomst opent zich voor mij!’ Het is een illustratie van de nadruk die Den Besten legt op het persoonlijke aspect in het geloofsleven. Geloven in God, geloven in het Kind van Bethlehem als de Redder der wereld is een individuele zaak. 

Licht
De Bijbel verbindt diverse malen Christus met een ster. Zo zagen de wijzen uit het oosten de ster van de ‘pasgeboren Koning van de Joden’ en vonden het Kind in Bethlehem (Matt.2). En aan het slot van het boek Openbaringen spreekt Jezus: ‘Ik ben… de blinkende Morgenster’. Aan die beeldrijke relatie tussen Jezus en de ‘sterren’ wijdt Den Besten het volgende gedicht.

Gij schoonste van de sterren Gij schoonste van de sterren, die stil uw wond’ren doet, o Christus, die van verre mij met Gods vrede groet, Gij maakt mijn dagen goed.

Sinds ik U heb zien rijzen in ’t holle van de nacht, laat ik mij door U wijzen de volle zonnepracht. Hoe ik de dag verwacht!

Zo wil ik alle dagen dat nog die zon niet schijnt doorwaken, niet meer klagen, niet zijn een kind dat dreint,ik sta recht overeind.

O schoonste van de sterren, o Christus, blijf mijn licht, zolang niet God, de verre, op aarde vrede sticht,- raak niet uit het gezicht!

Het gedicht heeft een cyclische bouw: zowel in de eerste als in de laatste strofe wordt Christus ‘schoonste van de sterren’ genoemd. Het beeld van Christus als het Licht doortrekt het hele gedicht. 

Dr. J. de Gier uit Ede is neerlandicus. Lees de volledige tekst van dit artikel van Den Besten in De Waarheidsvriend van donderdag 20 december 2018. Klik hier om een abonnement op De Waarheidsvriend te nemen.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher