God

29 mei 2018 door Arie-Jan Mulder

Het Onze Vader: rondkijken in de hemel

Onze Vader in de hemel,
laat uw naam geheiligd worden,
laat uw koninkrijk komen
en uw wil gedaan worden
op aarde zoals in de hemel.
Geef ons vandaag het brood
dat wij nodig hebben.
Vergeef ons onze schulden,
zoals ook wij hebben vergeven
wie ons iets schuldig was.

Midden in in de Bergrede staat dit prachtige gebed. Vorige keer hebben we de allereerste regel besproken, nu gaan we naar de volgende drie regels kijken.

Laat uw naam geheiligd worden
Dat lijkt eenvoudig: ... laat er niet gevloekt worden... Of zou er meer achter zitten? Voor ons is een naam eenvoudig een woord waarmee iemand wordt aangeduid. Maar in de Bijbel is een naam meer dan een etiket. Iemands naam heeft daar te maken met zijn persoon, met zijn wezen. Daarom zie je ook dat de naam van mensen soms verandert wanneer hun rol in het leven verandert (Jakob - Israël).

Daarnaast heeft een naam ook te maken met een relatie: je kan elkaar aanspreken wanneer je elkaars naam kent. Het is dan ook het eerste wat we doen bij een kennismaking: namen uitwisselen, zodat we voor elkaar aanspreekbaar zijn.
Als je dit bidt, heb je het dus over je eigen relatie met God. Deze bede gaat over het eren van God in je eigen leven. We zeggen Hem eigenlijk dat we willen dat ons hele leven eredienst wordt. En zo wil Jezus dat we ons dagelijkse gesprek met God beginnen: laat mijn leven deze dag een eredienst zijn voor U.

Juist omdat we een vrije wil hebben en ook voor zonde kunnen kiezen moeten we dus steeds dit gebed bidden.

Laat uw koninkrijk komen
In de tijd waarin dit gebed werd geformuleerd, had een koning absolute macht. Als hij een opdracht gaf aan zijn onderdanen hoefde hij zich niet af te vragen of ze het zouden doen. Als ze het niet deden dan werden ze zwaar gestraft. Hier zegt Jezus ons dat wij om Zijn koningschap in ons leven moeten vragen. Dat laat zien dat wij geen willoze onderdanen zijn van een absolute vorst, maar vrije mensen die telkens opnieuw kunnen kiezen wat ze doen en zelf kunnen kiezen wie er koning is in hun leven. Juist omdat we een vrije wil hebben en ook voor zonde kunnen kiezen moeten we dus steeds dit gebed bidden, respectievelijk deze houding hebben.

En uw wil gedaan worden
Nu we gezien hebben dat de beden om heiliging en het koninkrijk van God gaan over de plaats die God inneemt in ons eigen leven, zal het ons niet meer verbazen dat ook de vraag naar Gods wil primair gaat over ons eigen leven.
De NBG vertaalde hier: ‘uw wil geschiede’. Dat klinkt een beetje alsof we er op kunnen zitten wachten. Maar het gaat niet om een passief afwachten maar om bereidheid tot handelen, te beginnen bij jezelf. Daarom is het goed dat de NBV-vertaling het werkwoord ‘doen’ gebruikt. We spreken zo de bereidheid uit dat Gods wil gedaan wordt in ons leven. Dat betekent ook dat wij er naar verlangen om zelf zijn wil te doen waar dat in ons vermogen ligt.

In deze eerste drie beden van het Onze Vader gaat het om de heiligheid, het koningschap en de wil van God. We richten ons in dit eerste gedeelte van het gebed dus op de verlangens van God. Dat is het eerste waar we mee bezig zijn als we tot God bidden. We kijken als het ware naar Hem op in de hemel en we verbinden ons met wie Hij is en met wat Hij wil.

En pas nadat we zo bij wijze van spreken in de hemel hebben rondgekeken, komen we toe aan onze eigen verlangens, en ons aardse leven. Dat gaat gebeuren in de volgende drie beden. Die bespreken we volgende keer.

Arie-Jan Mulder is spreker en schrijver. Zijn boek over de Bergrede is als ebook verkrijgbaar. Klik hier om zijn website te bezoeken.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals
Vakanties
Hier adverteren?

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher