oud vrouwtje

Dagelijks leven

01 maart 2018 door Jan Jacob Hoefnagel

Gezegend door een ongelovige?

Ze woont als kluizenaar in oud klein huis aan een afgelegen dorpsweg. Door de regen is die weg nu meer een modderpad dan een zandweg. De erfscheiding van haar perceel bestaat uit een houten afrastering. Het lijkt erop dat die ooit geverfd is geweest, maar nu zijn de planken kaal en verzakt. Helemaal in harmonie met de kale struiken van de verwaarloosde bruingrijze tuin erachter.

Aan de achterzijde van het huis zit een veranda en de ‘voor’deur. Of de veranda stevig genoeg is om ons te dragen, durf ik alleen maar te hopen. Na wat kloppen en geroep komt ze voorzichtig naar buiten: Zina. Een granny die sinds kort is opgenomen in het Adopt a Granny project van Dorcas Moldavië.

Als we de vrijwilligers van de kerk niet bij ons zouden hebben gehad, dan zou deze oude vrouw nooit naar buiten zijn gekomen. Zina’s leven speelt zich binnen af. Haar erf verlaat ze zo min mogelijk. Dat durft ze niet meer. Niet omdat ze niet kan, maar omdat ze bang is. Enkele jaren terug zijn spullen uit haar huis geroofd. Nu beschermt ze het laatste beetje wat ze nog heeft met haar aanwezigheid.

Al mompelend en tegen zichzelf pratend gaat Zina ons voor naar binnen en neemt plaats op haar vertrouwde zitplek. Een plank is overdag haar bank, en ’s nachts haar bed. Terwijl onze ogen nog moeten wennen aan het schemerige licht zit ze daar tussen haar eigen vuil en vodden. Over alles wat we in dit donkere kamertje zien ligt een voelbare sluier van triestheid.

Als we de vrijwilligers van de kerk niet bij ons zouden hebben gehad, dan zou deze oude vrouw nooit naar buiten zijn gekomen.

Zachtjes, maar met een rauwe stem vertelt ze ons haar verhaal. Ze is ongelovig zegt ze. Inmiddels is ze de langstlevende van een gezin van vijf kinderen. Ik kijk verbaasd op als ze vertelt dat ze pas 67 is. Ik ben slecht in leeftijden schatten, maar zo slecht? Lijden en eenzaamheid maakt je dus echt oud.

Zina is de laatste jaren sterk vereenzaamd. Ziet en vertrouwt bijna niemand meer. Behalve de vrijwilligers die haar bezoeken en af en toe brandhout of brood brengen. De eerste stap op weg naar contact met andere dorpsgenoten is daarmee gezet.
“We komen u straks nog brood brengen,” zeg ik. Maar ze bedankt. Ze heeft genoeg zegt ze. Of dit antwoord voortkomt uit schaamte, bescheidenheid of wantrouwen weet ik niet. Maar dat het brood gebracht wordt, daar zullen de vrijwilligers zeker voor zorgen.

Wanneer zo’n oude oma honger heeft, is hulp broodnodig om te blijven leven. Dorcas ontleent haar bestaansrecht aan een uitspraak van Jezus: “Want Ik had honger en u hebt Mij te eten gegeven;”
Maar een mens leeft niet van brood alleen, dat weet ik maar al te goed.
“Ik hoop dat God jullie zegent om wat jullie doen!” was het laatste wat ze ons toeriep, nadat we afscheid van elkaar hadden genomen. Ik ben verrast: Deze oude vrouw wordt sinds kort door de kerk geholpen, maar zegt nooit gelovig te zijn geweest. En toch zegent ze ons.

Nee, ik weet het zeker: een mens kan niet leven van brood alleen. Maar praktische hulp is soms broodnodig om een stukje van de hoop die Jezus biedt te laten doorschijnen in schijnbaar hopeloze levens. En dan maakt het niet meer uit hoe we helpen.

Jan Jacob Hoefnagel is werkzaam bij Dorcas.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher