Christenen Irak

Op reis door Irak: het onbevattelijke leed van christenen

19-09-2017 door Jan Dirk van Nifterik
Stichting HVC
Stichting Hulp Vervolgde Christenen is wereldwijd actief op plaatsen waar Christus-belijden onderdrukking, armoede en afwijzing tot gevolg heeft. HVC biedt vervolgde christenen gerichte geestelijke en praktische ondersteuning.

Jan Dirk van Nifterik, directeur van Stichting Hulp Vervolgde Christenen (HVC), brengt momenteel een bezoek aan Noord-Irak. Hij schrijft een blog waarin hij vertelt over zijn reis en over de ontwikkelingen in een land, dat sinds 2014 in de ban is van de oorlog met IS.

Het drukke programma laat bloggen nauwelijks toe, daarom vandaag een paar hoogtepunten uit de afgelopen dagen. We mogen ervaren dat God ook hier in Irak bij ons is. We ontmoeten bijzondere mensen en we mogen er iets van zien wat God doet in Irak.

In Irak hebben de meeste mensen op vrijdag vrij. Moslims trekken massaal naar de moskee. ’s Morgens zien de wegen er verlaten uit, we kunnen lekker doorrijden. We gaan naar een partnerorganisatie, die voor HVC in Irak en Syrië een aantal noodhulpprojecten heeft uitgevoerd. Onze contactpersoon vertelt: "We hebben nu twee uitdagingen. Christenen willen de huizen in hun woonplaats weer opknappen, zodat ze terug kunnen gaan, daar hebben ze hulp bij nodig. Maar in de tussentijd zitten ze nog in de kampen en daar hebben ze ook hulp nodig. We weten soms niet waar we moeten beginnen. Het is één voor twaalf, dit is de laatste kans om christenen te helpen om terug te gaan naar hun dorpen. Het waren de moslims die IS hebben binnengehaald en zij krijgen in sommigen dorpen de overhand. We moeten opschieten om voor huizen, scholen en voorzieningen te zorgen. Anders is het onvermijdelijk dat nog meer christenen het land gaan verlaten."

Die middag rijden we samen met Imad, een misssionair werker van de lokale kerk, naar het Daoudia vluchtelingenkamp. Hier wonen naast Jezidi’s ook 120 christelijke gezinnen. De vader van een christelijk gezin vertelt: "We zijn pas uit Nineve weggegaan toen we IS zagen aankomen. We zitten nu al drie jaar hier. Een paar dagen geleden ben ik even naar ons huis teruggegaan. Alles is gelukkig heel gebleven, ik heb er een op slot gedaan zodat niemand er meer in kan. Het was er helaas nog niet veilig genoeg om te blijven. Ik heb daar ook geen werk meer en ik zou niet weten hoe ik voor mijn gezin moet zorgen. Maar ooit gaan we samen terug!" De hoop klinkt door in zijn stem. Dan komt Sado, een Jezidi uit Sinjar, aanlopen. "We hoorden bommen vallen. Toen zijn we vliegensvlug weggegaan. We hebben 7 dagen in de bergen gedoold. Onderweg stierven oudere mensen, niemand was in staat om ze te helpen. Hun lichamen lagen aan de kant van de weg. Een vrouw kreeg een kindje in de bergen. Ze moest de bevalling in haar eentje doen, zonder medische hulp. We hadden nauwelijks voedsel bij ons. Zonder kussens en dekens is het slapen op de harde grond bijna onmogelijk. We zijn uiteindelijk door Peshmerga strijders in veiligheid gebracht."

"We hoorden bommen vallen. Toen zijn we vliegensvlug weggegaan. We hebben 7 dagen in de bergen gedoold."

Zaterdagmorgen gaat onze reis verder en rijden we met een vrachtauto naar een schooltje dat door de lokale kerk wordt ondersteund. Hier geven een echtpaar uit Zuid-Korea en een echtpaar uit Amerika les aan Jezidi kinderen. De kinderen leren de Engelse taal aan de hand van Bijbelverzen en worden onderwezen in de Bijbelse verhalen aan de hand van prenten. Het is bijzonder dat er hier met kinderen en ouders over het Evangelie wordt gesproken! We brengen er lesboeken en schoolmeubilair, dat vanuit Nederland is opgestuurd.

Dan gaan we op bezoek bij de allerarmsten onder de vluchtelingen. In het kamp van Khanik mogen we pakketten uitdelen. Deels met voedsel en deels met goederen voor persoonlijke verzorging. We worden uitgenodigd om binnen te komen in de tent bij een van de Jezidi-vrouwen. Met tranen in haar ogen vertelt ze hoe IS de meisjes en vrouwen sorteerden en afvoerden. De meisjes die nog maagd waren, werden bestemd als seksslaven voor de leiders. Deze vrouw verloor op één dag haar man, zeven broers en negen neven. Twee van haar dochters zijn nog bij IS. Ze vermoedt dat ze in de Syrische stad Raqqa zijn. Maar zeker weten doet ze het niet. Wat een onbevattelijk leed moeten deze mensen meemaken!

Als we door willen rijden naar het dorpje Ba'ashiqah, worden we tegengehouden bij een checkpoint. De president Barzani komt hier straks langs, de weg blijft urenlang afgesloten. Pas als het bijna donker is geworden en de stoet van de president is langsgetrokken, mogen we verder. Het is geen fijne gedachte om in dit gebied in het duister te moeten rijden, maar we komen veilig aan bij het kerkgebouw van dominee Daniël. Ik loop even de kerk binnen. Het kruis is van de muur af geschoten en de houten banken zijn door IS weggehaald, verder valt de schade gelukkig mee. Als de dominee ons een rondleiding door het dorp geeft, blijkt de ramp in het dorp groter te zijn. De peuterschool ligt in puin, de stenen op de begraafplaats zijn geruïneerd en ook de pastorie is onbewoonbaar geworden. Alle olijfbomen - een bron van inkomen van het dorp - zijn verbrand. Ook hier mogen we honderden pakketten naar leden van de kerk brengen. Het is duidelijk een bemoediging voor de christenen in het dorp dat er in Nederland aan hen gedacht wordt.

Ik ben dankbaar voor vandaag. We hebben kunnen zien dat de hulp die HVC biedt, veel betekent voor deze mensen. Het Evangelie gaat door, God bouwt Zijn Koninkrijk, ook hier in Irak. Moe aanvaarden we de rit terug. Het water dat ik één van de kampen kreeg aangeboden, bleek toch niet schoon te zijn. Een misselijkheid steekt de kop op. Een les voor de volgende keer!

De christelijke nieuwsbrief die je ook echt leest!

Daily Newsletter
Weekly Newsletter

Wilt u christenen in Noord-Irak ook steunen? Klik hier voor meer informatie.



Discussie over Op reis door Irak: het onbevattelijke leed van christenen
Reacties uitzetten op CIP.nl? Klik hier!