Ds. A. J. Mensink

De Reformatie en de Gereformeerde Bond: twee handen op één buik

14-09-2017 door Ds. A. J. Mensink, De Waarheidsvriend
De Waarheidsvriend
De Waarheidsvriend is het huisorgaan van de Gereformeerde Bond in de Protestantse Kerk in Nederland.

"Wie de 105 jaargangen van De Waarheidsvriend digitaal doorzoekt op de meest voorkomende persoonsnaam, komt uit bij Johannes Calvijn. Op de tweede plaats staat Maarten Luther. Dat Calvijn de eerste positie inneemt, zal niemand verrassen," schrijft ds. A. J. Mensink in De Waarheidsvriend.

"Want de Gereformeerde Bond en de Reformatie (vooral de calvijnse reformatie) lijken wel zo ongeveer twee handen op één buik. Zowel in onze naam als in onze missie drukken we uit dat de gereformeerde reformatie en haar belijdenis de bron en het oriëntatiepunt van ons bestaan en werk zijn. Natúúrlijk beroepen we ons op de Reformatie.

Natúúrlijk? Zo gebruikelijk is een beroep op de Reformatie niet (meer). Wie gaat er preken en zegt tegen de gemeente: ‘Calvijn zegt…’. Vroeger konden we met een uitspraak van Calvijn onze boodschap kracht bijzetten. Hetzelfde gold voor Luther, Bucer, à Brakel, Smijtegelt en Kohlbrugge.
Mij overkwam het meer dan tien jaar geleden al op de Veluwe dat iemand mij na een dienst waarin ik Smijtegelt had geciteerd, tegen me zei: ‘Wat mutte wi’j met dat oale spul?’ Komt een beroep op de Reformatie nog aan, en óver bij een tijdgeest die ahistorisch en anti-traditioneel is, ook in de kerk? Het antwoord op die vraag raakt het hart van onze beweging en onze missie.

Het gaat hierna over twee dingen. In de eerste plaats over de formele kant van het beroep op de Reformatie (een verantwoording van het ‘waarom’) en in de tweede plaats over de materiële kant van dit beroep (een bezinning op het ‘wat’). Het lijkt me dat over het tweede.

Waar de kerk van Rome zich voortdurend op de traditie beriep, beriepen de reformatoren zich op de Schrift.

Sola scriptura
We beroepen ons, ook vandaag, té direct op de Reformatie, zonder bezinning op de vraag of het wel duidelijk is waaróm we dat doen, met welk recht, met welke pretentie. Want de Reformatie is niet zomaar het einde van alle tegenspraak, ook Calvijn niet.

De eerste vraag die je namelijk kunt stellen, is of het wel reformatorisch is om je op een of de reformatie te beroepen. Hét oerreformatorische adagium luidt immers: sola Scriptura. Waar de kerk van Rome zich voortdurend op de traditie beriep, beriepen de reformatoren zich op de Schrift. De kerk is gebouwd op het Woord van God en niet op inzichten en geschriften van mensen.

In artikel 7 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis belijdt de kerk dat men geen geschriften van mensen, hoe heilig zij ook geweest zijn, gelijk mag stellen met de goddelijke geschriften, noch de gewoonte met de waarheid van God, noch het grote aantal, noch de oudheid, noch de concilies, decreten of besluiten.

Christus regeert Zijn gemeente door het Woord. Aan dat Woord is de gemeente gebonden, door dat Woord wordt zij tot haar Koning teruggeroepen. Nu, dat kan geen mens tegenspreken. In ieder geval beroepen wij ons niet op de Reformatie zoals Rome zich beroept op de traditie, die voor haar canoniek gezag heeft.

het geloof van de Reformatie is geen variatie van het katholieke geloof, maar een van de duidelijkste expressies van het katholieke geloof.

Traditie
Tegelijk kunnen we niet om de traditie heen. Wij moeten niet van het ene uiterste in het andere vallen, namelijk van een rooms- katholiek traditionalisme in een dopers atraditionalisme. De manier waarop de doperse reformatie het Sola Scriptura huldigt, doet geen recht aan de historische weg waarin de Heilige Geest de kerk leidt. Artikel 7 mag dan gezegd hebben dat concilies, decreten en besluiten (en ik vul aan: belijdenissen) geen gezag hebben als dat van de Heilige Schrift, de Reformatie kent aan concilies en belijdenissen wel waarde toe. In de Institutie wemelt het van verwijzingen naar kerkvaders als Ambrosius, Cyprianus en Augustinus.

Hier stuiten we op een kernmoment, namelijk dat van de katholiciteit van de kerk. De Reformatie zelf wilde niet anders dan mét heel de kerk terugkeren naar het werkelijk katholieke geloof van de kerk der eeuwen. Terug naar de oudchristelijke belijdenissen en uitspraken van de oecumenische concilies. Terug naar het geloof van de kerk zoals haar dat vanuit de Schrift gegeven is.

Ik weet: er zijn meerdere visies op de Reformatie in omloop, maar naar mijn overtuiging ging het de Reformatie om de katholiciteit van de kerk en haar prediking. Een beroep op de Reformatie is daarom niet anders dan een roep om katholiciteit. Het is een roep om af te sterven aan wat niet katholiek is, maar wat erbij gekomen is aan menselijke leer en praktijk. Het is een pleidooi om inhoudelijk verbonden te zijn en te blijven aan de kerk van alle tijden en plaatsen. Als ik het een beetje spannend mag zeggen: het geloof van de Reformatie is geen variatie van het katholieke geloof, maar een van de duidelijkste expressies van het katholieke geloof. Het katholieke geloof op z’n best."

Ds. A. J. Mensink wordt predikant van de hervormde gemeente te Elburg en is voorzitter van de Gereformeerde Bond. Lees hier het volledige artikel en klik hier om De Waarheidsvriend te ontvangen.

Ontvang het online magazine voor christenen!

Daily Newsletter
Weekly Newsletter


Discussie over De Reformatie en de Gereformeerde Bond: twee handen op één buik
Reacties uitzetten op CIP.nl? Klik hier!