Preek

De toespraak van Petrus had levensveranderende impact

30-08-2017 door Wilco Sliedrecht, Het Zoeklicht

“I have a dream!,” zo klonk het tientallen jaren geleden. Iemand met een beetje kennis van geschiedenis (of een oudere leeftijd) weet deze uitspraak direct aan persoon en gebeurtenis te koppelen. In de nabije en vroegere geschiedenis zijn toespraken gehouden die een diepe impact op de actuele en zelfs latere hoorders hadden.

Dr. Martin Luther King en recenter Barack Obama en onze ‘eigen’ Frans Timmermans hadden of hebben de gave om direct vanuit hun hart een belangrijke boodschap dichtbij andere mensen te brengen. Bewogenheid, betrokkenheid met het thema, maar ook een stukje natuurlijk charisma, zijn denk ik een aantal redenen waarom toespraken van deze mensen meestal wel bij de toehoorders aankwamen. Ook de apostel Petrus heeft meerdere malen een toespraak gehouden die diepe impact op de hoorders had. Waar het bij de oud- president van de Verenigde Staten Obama of voormalig minister Timmermans om emotionele en levensbelangrijke zaken in het ‘hier en nu’ ging, had de toespraak van Petrus een levensveranderende impact met eeuwigheidswaarde.

Intensieve jaren voor Petrus
Er waren drie enerverende jaren aan voorafgegaan. Nadat Petrus de netten van zijn vissersbedrijfje had neergelegd, volgden er intensieve jaren van veel reizen, schokkende, wonderlijke en mooie gebeurtenissen, slaapgebrek, complimenten, maar ook berispingen van de rabbi die hij navolgde. Het waren ook gloriejaren! Hij zag hoe zijn schoonmoeder van het ene op het andere moment door een machtswoord van de Meester herstelde van een ziekte. Hij zag bij tijden een ‘open hemel’, hoorde zelfs letterlijk de indrukwekkende stem van God, zag Jezus op een wijze die slechts weinigen gezien hebben, maar maakte overigens ook daarna direct dan maar weer een foute opmerking. Het waren intensieve jaren waarbij regel matig ‘de hemel de aarde raakte’. Ondertussen merkte Petrus wel de steeds grimmiger wordende gezichten van de Joodse leiders en geestelijken op en ook hun opmerkingen lieten weinig te raden over. Nee, zij volgden Hem niet, zij wilden eerder van Hem af. Soms verwarde Jezus met Zijn uitspraken en daden overi gens ook Zijn volgelingen wel. In de verwachting van een Messias, het herstel van een Joods Koninkrijk, in een tijd van Romeinse bezetting en onderdrukking, zou een bevrijder meer dan welkom zijn. Maar die daden van de vestiging van een koninkrijk bleven uit. De weg van Jezus was anders, die weg leidde naar en door de dood heen. “Is dat, is dat uw koning?”

Het is opvallend dat Petrus in zijn toespreek teruggrijpt op voor de aanwezigen bekende teksten uit wat we nu het Oude Testament noemen en dit doortrekt naar en toepast op de recente gebeurtenissen met Jezus.

Voor Zijn lijden en sterven had Jezus overigens wel iets merkwaardigs gezegd (Johannes 16:7). Hij had gezegd dat de dag van Zijn verdwijnen zou komen en dat dit zelfs voor hen beter zou zijn. Zijn weggaan zou zelfs de voorwaarde zijn voordat die mysterieuze Heilige Geest zou kunnen komen. Tja, en Petrus… Wat moeten we van hem zeggen in de laatste uren van Jezus leven? Die ogen, die ogen van de Meester; wat keken die indringend, verdrietig makend en die overtuigden hem na het hanengekraai dieper dan hij aankon. Hij had als ‘haantje de voorste’ beter wat vaker die grote mond van hem kunnen houden. Wat viel hij zichzelf tegen… Maar Petrus had na de gevangenneming van Jezus nog meer gezien. Hij zag een stervende Jezus, een gestorven Jezus en een verzegeld graf. Daarna zag hij een leeg graf en uiteindelijk ook Jezus zelf weer. Een opgestane, levende Jezus! Petrus werd hersteld, kreeg de belofte weer ingezet te zullen gaan worden (Johannes 21:15-18) en zag zijn Meester uiteindelijk op de wolken verdwijnen. Met indrukwekkende kracht en verschijnselen kwam de Geest van Christus echter na korte tijd weer terug, vervulde de apostelen en maakte hen bereid en bekwaam tot een dienstbetoon zoals ze nooit hadden kunnen waarmaken in eigen kracht.

Vlijmscherpe boodschap
Vanuit die kracht houdt Petrus een toespraak, een preek (Handelingen 2:14ev), en spreekt zoals hij nog nooit eerder gesproken heeft. Let wel: dat Petrus naar voren stapt en het woord neemt, was niet vanzelfsprekend en ook niet zonder gevaar. Het was in precies dezelfde stad waar nog maar enkele weken tevoren de Heiland was opgepakt, gevangengenomen en na brute mishandeling vervolgens aan een kruis ter dood werd gebracht!
Het is opvallend dat Petrus in zijn toespreek teruggrijpt op voor de aanwezigen bekende teksten uit wat we nu het Oude Testament noemen en dit doortrekt naar en toepast op de recente gebeurtenissen met Jezus. Vervolgens spaart hij zijn toehoorders niet en probeert zijn gehoor niet op vlijende wijze voor zijn boodschap in te winnen. Vlijmscherp klinkt het: “Deze Jezus, die jullie gekruisigd hebben! Jullie zijn schuldig aan die bloederige, vreselijke gebeurtenissen van een paar weken geleden! Weten jullie wel wie je vermoord hebt?” Vervolgens gaat het in de boodschap door naar het komende oordeel, dat zonder bekering onontkoombaar is.

Tussen haakjes: ik ben benieuwd hoeveel voorgangers er met deze boodschap weg gekomen zouden zijn. Ze zouden waarschijnlijk beschuldigd worden een genadeloze boodschap van ‘hel en verdoemenis’ te brengen en waarschijnlijk geen volgende keer uitgenodigd worden om nog eens te komen spreken. Tegelijk stel ik de vraag hoeveel van de kracht van de Geest we nog kennen in de boodschappen die we wekelijks(?) horen. Een harde boodschap, die niet vanuit de levensveranderende Geest van God voortkomt, kan anderzijds heel veel schade aanrichten. Dit is helaas in sommige kerken ook daadwerkelijk het geval. Het effect van Petrus’ PinksterPreek is ook nadien overweldigend. In zeer velen heeft de Geest van Christus een overtuigend werk gedaan en met een terecht besef van schuld roepen ze het uit: “Wat nu? Wat moeten we nu doen?” Dan wijst Petrus deze ‘verslagenen van hart’ ook de uitweg. Door een weg van bekering en de dood en opstanding van de door hen gekruisigde Christus is er een uitweg uit het anders onvermijdelijke oordeel.

Een uitgesproken gemeente
De eerste jaren van de christengemeente van nieuwe gelovigen waren, zo lezen we verder in Handelingen, ook glorieus. We lezen dat de gemeente zeer hecht op elkaar betrokken was, vasthoudend gebruik maakte van de heilsmiddelen en ook de beloofde tekenen en wonderen gebeurden veelvuldig ter bevestiging van de waarheid en kracht van de Evangelieboodschap. Maar ook de keerzijde was veel uitgesprokener; het ‘weest heilig, want Ik ben heilig’ was meer dan in onze dagen een vanzelfsprekendheid. Met een klein leugentje om er ook bij te horen, kwam je in die dagen niet gemakkelijk weg en de niet-gelovigen hielden uit vrees toch maar wat afstand (Handelingen 5:13). Wat een verschil met heden ten dage, waar we op allerlei manieren proberen onze diensten (en de boodschap?) laagdrempelig te maken en waarbij zelfs voorgangers met een dubbelleven het presteren om zonder ingrijpen van Boven nog week aan week te blijven doorpreken. Is het voorgaande een eenmalig gebeuren, of mogen we gelijksoortige zaken ook vandaag de dag verwachten? ‘Pinksteren’ is uiteraard een unieke gebeurtenis in de heilsgeschiedenis. Door Jezus zelf als ‘de belofte’ aangekondigd, zien we ook al in het boek Handelingen meerdere bijzondere manifestaties van Gods Geest (Handelingen 4:31, 8:17).

Deze bijdrage van Wilco Sliedrecht verscheen in Het Zoeklicht. Klik hier om het magazine te ontvangen.

De christelijke nieuwsbrief die je ook echt leest!

Daily Newsletter
Weekly Newsletter


Discussie over De toespraak van Petrus had levensveranderende impact
Reacties uitzetten op CIP.nl? Klik hier!