Ds. C. Westerink
Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Levensverhaal

03 juli 2017 door Jeffrey Schipper

"De Heere heeft geen toeters en bellen nodig"

“Een niet-gelovige vrouw heeft ademloos naar moeilijke preken uit Ezechiël en Openbaring geluisterd. En ze kwam tot bekering. De Heere God heeft geen toeters en bellen nodig om Zichzelf bekend te maken,” zegt ds. C. Westerink. De christelijk-gereformeerde predikant ging onlangs met emeritaat. CIP.nl zocht de 66-jarige Westerink op in Nijkerk. “De Heere God zegt dingen over mij die ik van een ander nooit zou accepteren.”

Al op 9-jarige leeftijd ontstond bij de geboren Veluwnaar het verlangen om dominee te worden. “Om die reden ben ik na de basisschool naar het gymnasium gegaan. Maar dat was op dat moment te hoog gegrepen. Vervolgens kwam de Havo in beeld. Dat vond ik best want inmiddels hoefde ik van mezelf niet meer per se dominee te worden. Ik werd later opgeleid voor maatschappelijk werk. Maar door het karakter van de hulpverlening die de mens centraal stelde, werden mensen niet echt geholpen. Het verlangen naar theologie kwam weer terug. Toen ik dominee wilde worden, kon God mij niet gebruiken. En toen het van mijzelf niet meer hoefde zei God: ‘Nu is het tijd om Mij te dienen.’”

Hoe heeft God u gebruikt om het Evangelie bekend te maken?
“Ik denk aan een vrouw met een volstrekt buitenkerkelijke achtergrond. Via mensen van de kerk kwam zij in aanraking met het geloof in de Heere Jezus. In het contact met haar was ik alleen maar een gieter, een middel in de hand van de Heere. Alles wat ik zei vanuit het Woord van God, ging als vanzelf bij haar naar binnen. Je kunt allerlei toeters en bellen proberen te activeren, maar als de Heere je niet gebruikt dan gebeurt er niets.”

"Een niet-gelovige vrouw heeft ademloos naar moeilijke preken uit Ezechiël en Openbaring geluisterd. De Heere God heeft geen toeters en bellen nodig."

Wat bedoelt u met die toeters en bellen?
“De gemeenten die ik diende, telden tussen de 250 en 450 mensen. Ik heb in de loop der jaren de nodige afkalvende gemeenten gezien. Dan zag ik dat men krampachtig probeerde om die trend te stoppen. Allerlei toeters en bellen werden ingezet, maar het haalde niets uit. Ik geef toe, ook in mijn gemeenten zijn mensen afgehaakt. En toch werden die gemeenten niet kleiner. Dat beschouw ik als vrucht op de prediking, ondanks mijn tekortkomingen. Ik lees in de Bijbel: ‘Het heeft God behaagd door de dwaasheid van de prediking zalig te maken.’ Als ik dan zie dat preken in sommige gemeenten worden versmald tot flitspreekjes van 5 tot 10 minuten en daaromheen een hoop entourage, wordt daarmee in mijn ogen het paard achter de wagen gespannen. Voor het oog kan het aantrekkelijk zijn. Begrijp me niet verkeerd, ik ben dankbaar voor iedere buitenstaander die op die manier tot Christus komt. Mensen hoeven echt niet altijd op mijn manier christelijk-gereformeerd te worden.”

Westerink brengt de tot geloof gekomen vrouw uit zijn voormalige gemeente opnieuw ter sprake. “Zij luisterde ademloos naar moeilijke bijbelse stof uit Ezechiël en Openbaring. En dat terwijl mensen die al vanaf hun geboorte naar de kerk gaan wel eens zeiden: ‘Nou, nou, kan het niet een onsje minder?’ Haar honger naar het evangelie heeft mij bevrijd van het idee dat het Woord van God mensen niet meer aan zou spreken.”

Wat is een lastig aspect van het domineesbestaan?
“De verzoeking om het mensen naar de zin te maken. Het Evangelie is niet naar de mens, maar het is wel voor de mens. Sterker nog, het is ongelooflijk goed voor de mens. Maar het is een boodschap die mij nooit over de bol aait en nogal eens tegen de haren instrijkt. De Heere God zegt dingen over mij die ik van een ander nooit zou accepteren. Neem alleen al het woord ‘zondaar’. In feite is dat de enige naam die alle mensen verenigt. Het is niet leuk om onder ogen te zien dat je een zondaar bent. Als beginnend predikant was de verleiding groot om met een grote bocht om die moeilijke boodschap heen te lopen. Gaandeweg werd die verleiding minder en minder. ‘Ik kan niet anders dan deze boodschap op deze manier brengen. Hier moeten jullie het mee doen.’

"De Heere God zegt dingen over mij die ik van een ander nooit zou accepteren."

Het Evangelie moet gepredikt blijven worden. Of mensen het wel of niet willen horen, doet er niet toe. De vroegere prof. W. Kremer zei tegen zijn studenten: ‘Zorg ervoor dat de prediking in orde is.’ Al het andere in de gemeente is ook belangrijk, maar de focus moet op de prediking liggen. Vergeet niet dat de wereld veel beter is in entertainment dan de kerk. Wij moeten goed zijn in de prediking. Dat moet in orde zijn! En een preek schud ik niet uit de mouw. Als dat het geval is krijgt de gemeente oude kost met schimmel. De mensen hebben recht op versgebakken Brood.”

Dertien kleinkinderen gedoopt
Vol vreugde vertelt Westerink over zijn gezin. De vier kinderen van Westerink gaan allemaal trouw naar de kerk. Dat beschouwt de predikant als een wonder. “Toen onze jongste belijdenis van het geloof aflegde ervoer ik heel sterk hoe bevoorrecht we zijn. Zij zei geen ‘ja’ tegen God omdat haar vader dominee was. Het is genade van God. Mijn kinderen maakten mij natuurlijk ook mee in situaties waarin ik geen dominee was. Ze zullen na mijn preken heus wel eens hebben gezegd: ‘Daar zou ik in zijn eigen leven graag meer van terugzien. Hij kan het wel heel mooi vertellen, maar…’ Als kinderen ondanks dat ontdekken wie de Heere is, is dat prachtig.

Het geheim is God zelf,” vervolgt hij. “Dat neemt niet weg dat ouders de verantwoordelijkheid hebben om naar vermogen te laten zien wie God nu echt is. Dat Hij niet alleen een naam uit een oud boek is. De Heere God is reëel. Ook vandaag.” Westerink en zijn vrouw ontvingen inmiddels 13 kleinkinderen en hij mocht hen allemaal dopen. “Dat is heel bijzonder. Waar andere ouders tobben om kinderen vast te houden en drama’s meemaken, hebben wij dat nooit gekend. Wonder van genade!”

Ieder jaar krijgt Westerink het sombere bericht dat honderden mensen de Christelijke Gereformeerde Kerken verlaten. “Daarover ben ik bezorgd en verdrietig. Maar ondertussen gaat de Heere Zijn eigen gang. Op Eerste Pinksterdag heb ik een jongere mogen dopen die door zijn verkering met het Evangelie in aanraking kwam. Hij heeft zich er een tijd tegen verzet, maar op een gegeven moment moest hij toch echt op de knieën voor Gods aangezicht. Het komt goed met Gods kerk op aarde. Dat wil niet zeggen dat het op onze manier goed zal komen. Maar dat het goed komt, staat vast!”

Ds. C. Westerink was predikant in christelijke gereformeerde gemeenten in Den Helder (1981), Baarn (1990), Bennekom (1999) en Rijnsburg (2010). Op 1 mei van dit jaar ging hij met emeritaat. Nu verricht ds. Westerink pastorale hulp in Aarlanderveen.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Error: could not load events
Krijg volledige toegang tot CIP.nl. Start je gratis maand.