Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Nieuws

27 oktober 2008 door Redactie

Is de Bijbel historisch betrouwbaar?

Elke dag lezen christenen uit hun Bijbel. Christenen zien de Bijbel als het onfeilbare Woord van God. Maar is dit boek historisch gezien wel betrouwbaar? Het christelijk geloof is een openbaringsgeloof, waar onder andere historische feiten de boodschap uitmaken. Zonder het historisch feit, al of niet controleerbaar, dat Jezus Christus heeft bestaan, zouden wij geen geloof meer hebben.

Ongelovigen zien de Bijbel als een oud boek dat historisch gezien niet deugt. Is dit eigenlijk wel zo? Heeft Jezus echt bestaan, zoals het in de Bijbel omschreven is, of wordt hij als een goede leraar gezien? We zullen ons in het kader van deze studie uitsluitend bezighouden met het Nieuwe Testament.

De boeken van het NT zijn vooral historische documenten, pas daarna zijn het religieuze geschriften. De boeken zijn ontstaan uit de behoefte om het gebeurde vast te leggen voor hen die het niet hebben meegemaakt. Veel ervan zijn bijvoorbeeld brieven gericht aan mensen die echt bestaan hebben, daarom zijn de geschriften dus in een historische context ontstaan. Het zijn documenten uit het leven gegrepen. De inhoud blijkt te gaan over Jezus die een boodschap van verzoening met God bracht. Maar daarom zijn de boeken niet ineens onhistorisch. Wat betekent het dat deze boeken historische documenten zijn?

Archeologische feiten
Er zijn meer dan 39 bronnen buiten de bijbel die meer dan 100 feiten bevestigen over Jezus' leven en leer. Dat is veel voor iets wat 2000 jaar geleden gebeurde in een uithoek van het Romeinse rijk.

De Joodse historicus Josephus (37 AD-100 AD) heeft de geschiedenis opgetekend van het Joodse volk in Palestina van 70 AD tot 100 AD. In zijn boek Anitquities schrijft hij onder andere: “Omstreeks deze tijd was er Jezus, een wijs man, als het respectvol zou zijn hem een man te noemen, iemand die veel wonderen deed..... Hij was de Christus en toen Pilatus.. hem veroordeelde tot het kruis, verlieten zij die van hem hielden niet. Want hij bleek op de derde dag leven te zijn, zoals de profeten hadden voorzegd... en de christenen, zoals ze hen noemden, bestaan vandaag de dag nog.

Tacitus, een van de belangrijkste romeinse geschiedschrijvers schreef in 115 AD: Christenen, van wie de naam zijn oorsprong had, gingen door extreme vervolging heen tijdens de regering van Tiberius...

En zo schreven meerdere mensen over de christenen, terwijl zij zelf helemaal geen aanhangers waren van Jezus.

Veel plaatsen en feiten uit de evangeliën worden gestaafd door archeologische vondsten:
1. Nog niet zolang geleden zijn enkele plaatsen gevonden, zoals Kapernaüm (Tell Hum), Bethsaida (waarschijnlijk, 2300 meter ten noorden van de kustlijn), Chorazin (mogelijk Tell Khirbet Kerezah) and Tiberias.

2. De gewelddadige wijze waarop Herodus alle mannelijk kinderen jonger dan 2 jaar doodde in Bethlehem wordt bevestigd door de antieke geschiedenis die ons vertelt hoe deze man zijn favoriete vrouw, drie van zijn zoons, een hogepriester en twee mannen van zijn zus vermoordde.

3. Het bad te Bethesda met de vijf rijen pilaren (Joh. 5:1-15) is 13 meter onder de grond gevonden, terwijl men lange tijd dacht dat het niet bestond.

4. De vijver van Siloam (John. 9:7) werd in 1897 ontdekt.

5. Pontius Pilatus heeft echt bestaan, zo blijkt uit een steen gevonden in Caesarea Maritama in 1961. In het latijn staat er op gegraveerd: ‘Pontius Pilatus, Prefect van Judea heeft aan de mensen van Caesarea deze tempel geschonken ter ere van Tiberius’. Keizer Tiberius leefde van 14 tot 37 AD.

Op meer dan 300 plekken in het Nieuwe Testament zijn archeologische plekken te vinden die controleerbaar zijn. Ook de namen van verschillende mensen in de Bijbel en hun functies zijn archeologisch bekend en controleerbaar. Bijvoorbeeld Lysanius als tetrach van Abilene (Luk 3:1). Hij wordt vernoemd bij een inscriptie die gaat over de tempelinweiding. Ook Gallio (Hand 18:12-17) waar Paulus wordt voorgeleid heeft echt bestaan. Bij Delphi is een inscriptie gevonden waarin staat: “… Lucius Junios Galio, mijn vriend, en de procunsul van Achaië.” De inscriptie zou een brief zijn van keizer Claudius.

Lukas noemt in zijn evangelie 32 landen, 54 steden en 9 eilanden zonder (geografisch en/of historische) fout.

In 1968 werd in Jeruzalem een massagraf gevonden met 35 gekruisigde lichamen. Inscripties die daarbij gevonden werden wijzen een van de slachtoffers aan als Yohan Ben Ha’galdol. Het betreft waarschijnlijk de Joodse opstand van 70 AD. De slachtoffers waren net als Jezus gekruisigd: de voeten naar buiten gericht, de benen gebroken.

Een interessant detail met betrekking tot de dood van Jezus: In Nazareth is een inscriptie gevonden met een decreet van keizer Claudius (41 - 54 AD) die gebiedt dat graven niet verstoord mogen worden en lichamen niet verplaatst mogen worden op straffe van de doodstraf. Het is mogelijk dat Claudius gerucht had vernomen van de opstanding van Jezus en de daaropvolgende onrust en dat hij soortgelijke incidenten wilde vermijden.

Geschiedschrijver Thallus schreef in 52 AD over de kruisiging van Jezus. Zijn werk is verloren gegaan, maar wordt geciteerd door Julius Africanus in zijn werk 'Chronography'. Hij schrijft: 'Op de hele wereld kwam er een angstige duisternis, en rotsen vielen door een aardbeving, en vele plekken in Judea en andere districten werden verwoest.. een donkerheid kwam zonder reden en een verduistering van de zon.'

Bibliografische bewijzen
We beginnen met enkele voorbeelden van andere belangrijke historische werken:
• De oudste kopie die we hebben van werken van Caesar (bv. De Bello Gallico) komt uit 900 na Chr. en is 1000 jaar verwijderd van het moment van schrijven.
• De vroegste kopieën (7 in totaal) van Plato stammen uit eveneens ongeveer 900 na Chr. en zijn maar liefst 1200 jaar van de schrijver verwijderd.
• De oudste geschriften van Aristoteles komen uit de 12e eeuw, maar liefst 1400 jaar verwijderd van de schrijver.

In contrast daar mee kennen de NT documenten een overweldigende overvloed aan vroege geschriften: De meeste historici aanvaarden de juistheid van werken uit de oudheid op basis van heel wat minder betrouwbare documenten dan beschikbaar is voor het NT.

De oudste documenten van het NT bestaan uit papyrus en perkament:
• Er zijn ongeveer 5000 Griekse manuscripten
• Ze stammen uit de tijd van het begin van de 2e eeuw na Chr. tot de reformatie (16e eeuw).
• Het oudste tot nog toe gevonden document is het John Rylands manuscript dat stamt uit ongeveer 118 tot 138. Het is gevonden in Egypte en bevat enkele verzen uit Johannes.
• Belangrijke documenten zijn de Chester Beatty Papyrus en de Bodmer Papyrus die grote delen van het NT bevatten (zonder de pastorale en algemene brieven en Philemon).
• Ook heel belangrijk zijn de Codex Sinaiticus, geschreven in 350 na Chr. (bijna het gehele NT) en de Codex Vaticanus (325-50), die bijna de hele bijbel bevat.
• In de wetenschappelijke Griekse uitgave van het NT van Nestle Aland wordt aan al deze manuscripten en hun kleine varianten recht gedaan. De Nestle Aland versie wordt over het algemeen beschouwd als de standaard tekst van het NT gebaseerd op alle gevonden manuscripten.

Er zijn ongeveer 8000 manuscripten, exemplaren van de Vulgata, de latijnse vertaling van de bijbel, die tussen 382 en 405 na Chr. tot stand is gekomen. Daarnaast zijn er meer dan 350 kopieën bewaard gebleven van de Syrische vertalingen. Deze vertalingen zijn ontstaan tussen 150 en 200 na Chr. De kopieën ervan zijn van 400 na Chr. en later.

Bijzonder interessant is het feit dat vrijwel het gehele NT gereconstrueerd zou kunnen worden aan de hand van citaten uit de werken van de kerkvaders (zo'n 32.000 citaten daterend van voor het Concilie van Nicea).

Het Nieuwe-Testament moet geschreven zijn nét na de opstanding van Jezus. Er zijn veel goede argumenten om voor Handelingen 62 tot 64 na Chr. aan te nemen:
I. Handelingen noemt de val van Jeruzalem in 70 na Chr. niet. Dat is vreemd, omdat veel van de gebeurtenissen in Handelingen in Jeruzalem afspelen of erop betrekking hebben.

II. Er wordt geen melding gemaakt van de vervolgingen onder Nero in het midden van de 60-er jaren na Chr. De algemene toon tegenover Rome is ook niet negatief.

III. Het martelaarschap van Jacobus, de broer van Jezus (61 na Chr.), Paulus (64 na Chr.) en Petrus (65 na Chr.) wordt niet genoemd. Dat is verbazingwekkend aangezien Handelingen niet nalaat de dood van Stefanus en Jacobus de apostel te vermelden.
IV. De onderwerpen in Handelingen gaan over zaken die belangrijk waren vóór de val van Jeruzalem:
A. De uitstorting van de Heilige Geest op verschillende etnische groepen.
B. De spanning tussen Palestijnse en Griekssprekende Joden.
C. De relatie tussen Joden en heidenen m.b.t. besnijdenis en de wet van Mozes.
D. Bedenk dat na 70 na Chr. het Palestijnse Jodendom van de kaart was geveegd. Als Handelingen geschreven is na de val van Jeruzalem waarom komen deze thema's
dan nog in het boek aan de orde?

V. Lukas zou toch zeker melding hebben gemaakt van de vervulling van Jezus' profetie in de evangeliën dat Jeruzalem zou vallen.

Let er op dat Lukas voor Handelingen is geschreven en Markus weer daarvoor, omdat Lukas eruit citeert! Dit maakt dat de Bijbel voor 55 v. Christus is geschreven.

Conclusie:
We hebben veel geschiedkundige feiten over het NT de revue laten passeren. Het blijkt dat wat de documenten ons vertellen historisch betrouwbaar is.

Welke verklaringen hebben mensen zoal gegeven in de afgelopen 200 jaar voor het ontstaan van het NT?

I. De christenen hebben alles verzonnen. In de decennia na Jezus' dood zijn legendes ontstaan en is Jezus verheven tot God en Redder. Uit het bovenstaande blijkt dat er slechts enkele jaren verstreken tussen Jezus' dood en het geloof in zijn opstanding. Er is eenvoudigweg geen tijd voor legende-ontwikkeling

II. De christenen hebben moedwillig het opstandingsverhaal verzonnen, omdat ze niet konden verkroppen dat Jezus dood was.

A. Echter iedereen die het NT leest, zal maar moeilijk tot de conclusie komen dat deze gelovigen leugenaars waren. Ze waren eerlijk en transparant.
B. De discipelen hadden dan ook wel de verloochening van Petrus kunnen verdoezelen. Petrus, die zo'n centrale rol vervult in de geschiedenis van de vroege kerk, kan toch immers niet Jezus verloochenen.
C. Als de christenen hun eigen verhaal over Jezus hadden verzonnen, is dan moeilijk te verklaren waarom ze bereid waren te sterven en de lijden voor hun geloof.

III. De christenen waren zo ontgoocheld dat ze gingen hallucineren en zo dachten dat Jezus was opgestaan.
A. Niet waarschijnlijk, want hallucinaties kunnen alleen voortbrengen wat al in de gedachten van een mens leeft. De opstandingsgedachte was echter zover verwijderd van de discipelen als maar kan.
B. De enige opstanding waar ze in geloofden was die van de jongste dag (vgl. Joh. 11).
C. Gingen de vrouwen niet op weg om het lichaam te balsemen? Was Thomas niet gewoon boos toen de andere discipelen zeiden dat Jezus opgestaan was?

De volgend eindconclusie dringt zich aan ons op:
I. Het NT is een verzameling historisch betrouwbare geschriften.
A. Daar zijn archeologische bewijzen voor
B. Er is een overweldigende overvloed aan manuscripten
C. De teksten blijken vroeg en authenthiek te zijn.

II. De twijfel aangaande de geschriften van het NT is ingegeven door een wereldbeschouwelijk vooroordeel, nl. dat bovennatuurlijke gebeurtenissen niet plaats kunnen vinden.

III. Wat het NT zegt over Jezus is waar. Je kunt met behulp van deze geschriften de historische Jezus tegenkomen: wat Hij leerde, deed en wat er met Hem gebeurde.
A. We krijgen dan te maken met wonderen en zelfs Jezus' opstanding uit de dood.B. Maar het vreemde - of liever interessante - is dat ook vandaag de dag mensen genezen worden en zelfs opgewekt worden uit de dood in de Naam van Jezus. Net zoals Hij zijn volgelingen geboden had. De wonderen staan dus niet aleen in het NT maar gebeuren ook vandaag de dag in Jezus' Naam.

Uit: Leer van Jezus
Auteur: Jos de Keyzer

Wil je dit artikel overnemen of ergens voor gebruiken? Vraag dan eerst even toestemming!







Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen