Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Nieuws

24 februari 2014 door Jeffrey Schipper

Verlangen naar Gods vergeving en bescherming

Ooit aan het dwalen geweest? Spoorzoeken is een vak apart. Het is handiger om bordjes langs de weg te volgen en tekens van boven op te merken. Laat God de Weg én Wegwijzer zijn.

Verlangen naar God
Net als enkele andere psalmen beginnen de verzen van psalm 25 steeds met een volgende letter van het Hebreeuwse alfabet. Daarom wordt deze psalm met een moeilijk woord een ‘acrostichon’ genoemd. Er is daarom sprake van een duidelijke structuur en een harmonisch geheel.

Davids leven kenmerkt zich door een diep verlangen naar God. Hij is een Godzoeker. Hoewel hij allerlei hobbels om zich heen moet nemen om die God te vinden. Ook moeten er obstakels in zijn eigen leven weggewerkt worden. Dat neemt niet weg dat de fundering van zijn bestaan positief is. Het is de diepe hang naar God.

Juist deze zoektocht mondt uit in de Godservaring. Daarbij keert David zichzelf regelmatig even ‘binnenstebuiten’. Dan kijkt hij bij zichzelf naar binnen. Daarin laat hij zijn zachte en gevoelige kant zien. We kunnen de psalmen zien als reflecties van iemand die het leven van binnen en buiten kent. Ze zijn geschreven door iemand die diep is neergedaald in de krochten en kerkers van de menselijke ziel.

Spiegelavonturen
David leert God kennen als in een spiegel. Namelijk in confrontatie met zichzelf. Sterker: David komt alleen tot ware Godskennis via de ware kennis van zijn menselijk hart. We leren God kennen doordat Hij ons het menselijk hart onthult in alle aspecten. Daarbij passeren het verstand, het gevoel, de wil en het geweten als uitingen van het menselijk hart allemaal de revue. Namelijk: mét zonde, tekortkomingen en zwakheden. Maar ook andersom geldt: we komen tot ware zelfkennis via de kennis van het hart van God.

Bezwijken van verlangen
Het hevige verlangen bij David kan enorme proporties aannemen. Hij kan bezwijken van verlangen. Zo hartstochtelijk verlangt hij naar Gods aanwezigheid (vgl. Ps.84:3). De ziel kan verbroken zijn van verlangen naar Gods recht en Zijn helend Woord (vgl. Ps.119:20, 81). Zelfs ogen kunnen bezwijken van verlangen. Dit is het geval wanneer een mens zoekt naar troost en genezing van gevoelens. Gevoelens die te maken hebben met aangedaan leed en onrecht (vgl. Ps. 119:82, 123).

Tussen vertrouwen en wantrouwen: geloofstwijfel
(2) David stelt zijn vertrouwen op de Heer zijn God. Hij spreekt de Heer opnieuw rechtstreeks aan. Het is een gebed van geloofsvertrouwen. Hij vraagt God om zijn vertrouwen vooral niet te beschamen. Hij gelooft in God, maar houdt tegelijkertijd een slag om de arm. Zo gaat het geloof vaak met een zeker ‘wantrouwen’ gepaard. Want geloof maakt niet blind. Het vertrouwen op God is geen sprong van onverstand en ‘slikken of stikken’. Het ontneemt een mens niet zijn verstand en verantwoordelijkheidsgevoel. Daarom gaat het geloofsvertrouwen hand in hand met een gezonde mate van twijfel. Deze geestelijke twijfel kan leiden tot geestelijke groei en volwassenheid.

Ongezonde twijfel
Daarnaast kan er sprake zijn van ongezonde twijfel. Dat is twijfel die gevoed wordt door wantrouwen. Dat is niet vreemd, omdat er situaties in ons leven zijn waarin ons vertrouwen beschaamd is. David heeft bijvoorbeeld te maken met verraad en met mensen die trouweloos handelen.

Als het vertrouwen beschaamd is, spelen die vervelende ervaringen mee, ook in de relatie met God. Het is goed om zich daar als mens van bewust te zijn. Trouw en vertrouwen zijn schaarse ‘goederen’ in de wereld om ons heen. Door ernstige schendingen van vertrouwen kan een mens wonden en beschadigingen oplopen. Deze zullen medebepalend zijn voor het vertrouwen in God.  Dat vertrouwen lijkt ook in de relatie met God gewonnen te moeten worden. We kunnen daarin wankelmoedig zijn. We kunnen zelfs ongeloof ten opzichte van God en Zijn Woord tegenkomen. Dat vergelijkbaar is met de vader die zijn doodzieke zoon bij de Here Jezus brengt en uitspreekt: ‘Ik geloof Heer, maar kom mijn ongeloof te hulp’ (Mark.9:24).

Bijbehorende vragen:
  • Gespreksvraag 1:  Herken jij bij jezelf het grote verlangen naar God zoals David beleeft? (vgl. vers 1)
  • Gespreksvraag 2: ‘Je schamen’ of ‘beschaamd worden’ is een vervelend iets. Ben jij zelf wel eens te kijk gezet als het ging om jouw geloof in God? Hoe ging jij ermee om? (vgl. vers 2 en 3)
  • Gespreksvraag 3:  Ben jij wel eens teleurgesteld in God? Voor welke teleurstelling is David bang? (vgl. vers 2, 3 en 20)

Binnenkort verschijnt deel 2 van Bijbelstudies bij de Psalmen voor huiskringen en studiegroepen van Koert Koster. Klik hier voor deel 1.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen