Nieuws

20 februari 2014 door Rik Bokelman

"Ik ging liever ijsjes verkopen op Scheveningen"

“Ik was al geruime tijd predikant in het hoge Noorden en op m´n veertigste dacht ik ineens: ‘Ik ben het zat.’ Ik vroeg me af of ik het werk nog 25 jaar vol kon houden. Het grootste probleem is dat er hoge woorden in de kerk gesproken worden, maar dat we als christenen soms zo kleinzielig blijken. Althans, zo beleefde ik dat.” Dat zegt dominee Michael Gorsira uit Doorn. Hij besloot ontslag te nemen omdat hij vond dat er een te grote kloof zat tussen wat hij zondags preekte en hij in de eerste plaats in zijn eigen leven - en daarnaast in de levens van gemeenteleden – aantrof. Hij vertelt erover in gesprek met CIP.nl.


“Ik vroeg me af: ‘We zitten in een gemeente waar we stellen dat we allemaal de Heere Jezus persoonlijk ontmoet hebben. Maar is dat ook zichtbaar?’ Ik merkte bijvoorbeeld dat ik kon waarschuwen tegen roddel, maar daarna moest constateren dat de preek niet geland was omdat er geroddeld werd. Met andere woorden: kennelijk ging er iets niet goed. Ik denk dat iedere predikant dat wel tegenkomt. Bij mij zorgde het voor een soort crisis, vanwege de grote Woorden die soms zo slecht leken te landen. Ook in mijn eigen leven. Ik kwam op een punt dat ik dacht: ‘Ik ga nog liever ijs verkopen in Scheveningen dan preken.’” 

“Ik heb ook in gemeentes stage gelopen die in aantal snel groeiden en waar de activiteiten perfect verliepen (en in aantallen sterk groeiden). De kerk hanteerde een goede formule, maar na een tijd vroeg ik me af: 'Waar is God in de levens van mensen?' Daar was hetzelfde probleem. Op een of andere manier was ik daarmee bezig. Mensen die mooie dingen in de kerk doen, maar onderling wel wrok koesteren of ruzie hebben met gemeenteleden. Ik begreep dat niet. De Geest moet toch duidelijk maken dat het niet klopt?”

Volgens Gorsira is een belangrijk medicijn tegen het probleem dat hij tegenkwam 'dat we als mensen beseffen dat we een bedelaar zijn.' “Ik heb vergevende, oprichtende genade nodig. Er bestaat een populair psychologisch boek ‘Ik ben o.k. Jij bent o.k.’. In de gemeente moet het echter zijn: ‘Ik ben niet oké, jij bent ook niet oké.’ Je wordt op die wijze wat milder naar anderen toe. En dat is o zo nodig. We moeten mensen welkom heten in een gemeente, die bestaat uit sukkelaars. Wij hebben niet allemaal gebedsverhoringen, genezingen of diepe ervaringen met God. Wij blijven sukkelaars die blijven bedelen. En vooral: ik wil mensen duidelijk maken dat ik ook fouten maak met m’n domme kop. Dat we daar oog voor krijgen is belangrijk. Misschien is het goed om op de website van de kerk te zetten: ‘We zijn een groep sukkelaars die van Jezus houden.”

Ondanks tegenslag heeft Gorsira ook veel mooie dingen meegemaakt. Hij kent veel voorbeelden van ‘woorden die niet ledig weder keerden’. “Ik blijf overtuigd van de kracht van het Woord ondanks het feit dat ik het bij mensen om mij heen en bij mezelf niet altijd zie werken. Ik heb veel positieve uitwerkingen gezien. Er zijn gelukkig ook zo veel mensen waar het Woord wel heel veel vrucht draagt. Het is voor een predikant 'kicken' als je voelt dat mensen gretig zijn en gevoed willen worden. Want ondanks dat we vaak hypocriet zijn, staan er ook enorm veel mensen te trappelen om samen het Woord toe te passen, prachtig!”

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher Spotify