Nieuws

11 juli 2012 door Patrick Goede

"Theorie van Paas hangt van misverstanden en inlegkunde aan elkaar"

"Ik ken helemaal niemand die beweert dat iemand zalig wordt puur en alleen omdat hij Jood is. Steven Paas sr. heeft dus eigenlijk nooit goed begrepen wat die zogenaamde christen-zionisten beweren. Overigens ben ik ook helemaal niet gelukkig met die term 'zionist''' Dat zegt prof. dr. W.J. Ouweneel in reactie op Steven Paas sr. Paas beweerde eerder deze week op CIP dat christen-zionisten Christus als het unieke middelpunt van ons geloof verdrijven.

Klik hier voor boeken van Willem Ouweneel.

Ouweneel: "Paas heeft moeite met de term 'vervangingsleer', maar vervolgens komt hij zelf met zo’n beladen term 'zionisme', die ik ver van mij werp. Ik geloof in een letterlijke vervulling van de Israëlbeloften, maar daarom ben ik nog geen 'zionist'. Een zionist noem ik iemand die onkritisch staat achter de huidige staat Israël, terwijl een christen in de eerste plaats staat achter het volk Israël én gelooft in de beloften, die God nog voor Israël heeft." Ouweneel noemt de uitleg die Paas geeft een persiflage: "Hij zegt dat mensen Christus verdrijven uit het centrum door te stellen dat het Christus plus het Israëlgeloof is. Maar wie beweert zoiets dan? Ik heb het nog nooit gehoord. Stel dat iemand zegt dat meneer Paas calvinist is en daaruit de conclusie trekt dat het bij hem dus Christus plús het verbond is. Dat zou net zo'n malle redenering zijn; zo kun je andersdenkende christenen gemakkelijk wegzetten."
 
Ouweneel meent dat Paas twee klassieke fouten maakt: "Ten eerste is de kerk of de gemeente in de Bijbel nimmer een gezelschap dat bij Adam begonnen is en tot de jongste dag doorgaat. De gemeente is begonnen op de Pinksterdag in Hand. 2. Daar is het lichaam van Christus ontstaan, één gemaakt met haar verheerlijkte hoofd, de mens Christus in de hemel. Bovendien is de gemeente de tempel van de uitgestorte Heilige Geest. Een dergelijke gemeente of kerk bestond niet in het Oude Testament; je had wel de 'volksvergadering' van Israël in de woestijn, maar dat is natuurlijk totaal iets anders. De andere grote fout van Paas is dat al die specifieke beloften voor Israël, zoals de landbelofte, figuurlijk opgevat worden. Dat is de aloude vergeestelijkingstheologie, die zelfs antisemitische trekken heeft, doordat zij Israël van zijn zegen berooft en dat volk alleen met de vloek laat zitten. Veel gereformeerde predikanten hebben overigens al in de 17e en 18e eeuw gelukkig ingezien dat de beloften voor Israël letterlijk moeten worden genomen."
 
Etnisch
Ouweneel: "Een mens wordt behouden door het geloof in de persoon en het werk van Christus, of hij nu Jood is of heiden. Dat is het punt helemaal niet, zoals Paas schijnt te denken. Waar het om gaat, is of er voor het etnische Israël op basis van Gods onberouwelijke beloften nog een bijzondere toekomst is weggelegd, in Israëls eigen land, in het messiaanse vrederijk. Natuurlijk is dat enkel mogelijk op grond van het werk van Christus. Israël wordt niet behouden vanwege zijn etnische achtergrond, maar omdat het eens tot geloof zal komen in Christus."
 
Paas’ argument over het gescheurde voorhangsel is volgens Ouweneel inlegkunde: "Dat scheuren betekent volgens mij dat de weg naar God voortaan vrij is en dat God tot mensen naar buiten komt. Alles wat je daar verder aan verbindt, is fantasie. De hele theorie van Paas hangt van dit soort inlegkunde en misverstanden aan elkaar. Er is overigens onder protestanten nog maar weinig meningsverschil op dit punt. Paas voert een achterhoedegevecht. De visie dat er een bijzondere toekomst is weggelegd voor Israël in zijn eigen land, wordt door het overgrote merendeel van het wereldwijde protestantisme gedragen. Er is, naast de vrijzinnigen, nog slechts een handvol traditioneel-protestanten dat het tegendeel blijft volhouden."
 
Tot slot vertelt Ouweneel kort hoe hij de toekomst van Israël ziet: "Als Christus terugkomt, zullen van een groot deel van de Joden de schellen van de ogen vallen en zij zullen zien op Hem, die zij doorstoken hebben (Zach. 12:10) en dan zal gans Israël zalig worden (Rom. 11:26), en wel in zijn eigen land, onder de zegenrijke regering van de Messias. Iedereen kan toch zien dat in héél Rom. 9-11 het etnische Israël wordt bedoeld, zonder uitzondering. En dan zou het in hoofdstuk 11:26 ineens de kerk betekenen? Dat noem ik geen zindelijke Bijbeluitleg."

Klik hier voor boeken van Willem Ouweneel.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen
Vakanties
Hier adverteren?
New Faith Network
NFN Originals Films
bekijk alle originals

Beluister onze Podcast!

iTunes Stitcher