Dit artikel is nu opgeslagen in je dashboard.
Bewaar artikelen in je dashboard.

Nieuws

28 april 2011 door Rosalinda Neele

De Holocaust en de schuld van de kerk

4 mei is de datum van de dodenherdenking. Dit jaar is het 66 jaar geleden dat er een einde kwam aan een oorlog die talloze mensenlevens heeft gekost. Onder deze slachtoffers bevonden zich 6 miljoen Joden. Deze massavernietiging blijft ons bezighouden.

Hoe is het mogelijk dat mannen, vrouwen, kinderen, zieken, gehandicapten, zuigelingen massaal de dood werden ingedreven? Hoe is het mogelijk dat het in onze moderne tijd is gebeurd? De vraag die mij al langer bezighoudt, is niet alleen: hoe kon de Holocaust gebeuren, maar vooral: wat is de christelijke kerk aan te rekenen? Hoe schuldig is zij? Het is gangbaar geworden om de kerk aansprakelijk te stellen voor de Holocaust. Dat de kerk in veel opzichten een heel dubieuze rol gespeeld heeft ten aanzien van de Joden staat buiten kijf. Ook de houding van de kerk ná de oorlog is teleurstellend. Schoorvoetend heeft de Evangelische kerk van Duitsland (EKD) erkend tegenover het nazisme gefaald te hebben en daarom medeschuldig te zijn aan de Holocaust.

Nu is het opvallend dat de laatste tijd met name Joodse historici de behoefte hebben om het beeld ‘hoe kerkelijke leiders in de Middeleeuwen door prediking en leer een sfeer in de samenleving hebben gecreëerd waarin het tot geweldsuitbarstingen kon komen’ bij te stellen. Zij doen hun best om de rol van de kerkelijke en wereldlijke leiders in de Middeleeuwen eerlijk weer te geven. Van belang is dat hedendaagse Joodse historici oog hebben voor de bescherming die de Joden genoten van de overheid. Dat de Joden beschermd werden had, naast andere redenen, een Bijbelse achtergrond. De Joden werden de eeuwen door beschuldigd van de Godsmoord, dus aansprakelijk gesteld voor de dood van de Messias. Die beschuldiging heeft een zee van leed gebracht over de Joden. De Jood deugde niet.

Over en weer hebben Joden en christenen van elkaar geprofiteerd. Joden en christenen beschouwden elkaar als buitenlanders, dus was de weg vrij voor het verlenen van kredieten. De Joden werden de motor van de economie en dat was niet te danken aan een bepaalde voorliefde van de Joden voor geld, maar dat was een gevolg van het bijbelse rentevoorschrift. Zie Deuteronomium 23:20: ‘Van de buitenlander moogt gij rente nemen, maar van uw broeder zult gij geen rente nemen’.

Helaas is het een feit dat er desondanks wel veel geweld is gebruikt. De theorie moest het vaak afleggen tegen de praktijk. Het geweld richtte zich in de latere Middeleeuwen vooral tegen de Joden, maar ook tegen de ketters, en nog weer later, tegen heksen. Tienduizenden werden het slachtoffer van dit religieuze geweld.

Lees het hele artikel in De Waarheidsvriend.

Start het gesprek

Alleen CIP+ leden kunnen reageren op artikelen. Word ook CIP+ lid, praat mee en geniet van nog veel meer voordelen!
Bekijk alle voordelen Inloggen